60 jaar geleden, te gast bij cartoonist Steven (Steven Wilsens)

Van 1954 tot 1958 volgde hij les aan het Sint-Lucasinstituut in Brussel onder de vakkundige begeleiding van Luc Verstraete (1928-2008).

Van 1958 tot 1960 volgde hij opleiding aan de Kölner Werkschule.

Zijn eerste tentoonstelling had plaats in Galerie Helikon in Hasselt in 1962. In 1965 was hij er opnieuw te gast.

60 jaar geleden, te gast bij cartoonist Steven (Steven Wilsens)

Steven is vooral bekend als tekenaar van monumenten en stads- of dorpsgezichten.

Steven gaat steeds zijn onderwerpen op die plek bekijken, leest erover en laat zich door specialisten inlichten.

Hij tracht door schetsen de constructie van een gebouw en de lijnen van het landschap meester te worden.

60 jaar geleden, te gast bij cartoonist Steven (Steven Wilsens)

Hij wil de werkelijkheid tekenen, maar ze niet kopiëren. Hij vereenvoudigt lijnen en vlakken en zondert zijn onderwerp af als ze in een lelijke omgeving staan.

Hij laat ruimte zodat we zelf de kleuren van onze verbeelding kunnen schilderen.

60 jaar geleden, te gast bij cartoonist Steven (Steven Wilsens)

Zo draagt hij bij tot monumentenzorg en doet vergeten en verloren hoekjes, straten, gebouwen en pleinen opnieuw ontdekken.

Daarnaast is hij ook cartoonist, graficus, striptekenaar, illustrator van boeken, ontwerper van postzegels en bierviltjes.

Steven werd onderscheiden met de Prijs Pro Civitate (1972), de Culturele Onderscheiding van de provincie Limburg (1994) en de prijs van de Vlaamse Gemeenschap (1994). (Diverse bronnen, De Post 25 februari 1962 en Wikipedia)

60 jaar geleden, te gast bij cartoonist Steven (Steven Wilsens)

Vandaag 60 jaar geleden, de Frans journalist en romanschrijver Pierre Benoit komt te overlijden (3 maart 1962)

Benoit schreef een 45-tal avonturenromans aan een ritme van ongeveer één roman per jaar.

Opvallend is dat de romans steeds goed gedocumenteerd zijn en dat zijn karakters scherp afgelijnd zijn.

De heldinnen uit zijn romans dragen steeds namen die beginne met de letter A: Allegria (Pour don Carlos), Aurore (Kœnigsmark), Antinéa (L’Atlantide).

Verscheidene van zijn romans werden verfilmd en bewerkt voor ballet, opera of toneel.

Omstreeks 1910 publiceerde Benoit zijn eerste gedichten.

Daarvoor kreeg hij een prijs van de Société des gens de lettres.

Bij het begin van de Eerste Wereldoorlog werd Benoit gemobiliseerd.

Nadat hij deelnam aan de Slag bij Charleroi werd hij ziek en bracht hij maanden door in het ziekenhuis.

Na zijn ontslag werd Benoit gedemobiliseerd.

Zijn oorlogservaringen leidden ertoe dat Benoit een overtuigde pacifist werd.

In 1918 maakte Benoit zijn romandebuut met Kœnigsmark dat, ondanks de uitgave bij een kleine uitgeverij, een succes werd.

De roman gaat over de liefde van een jonge Franse professor voor een Duitse prinses.

Het werk werd genomineerd voor de Prix Goncourt, maar Benoit greep net naast de prijs.

De roman werd later verscheidene malen verfilmd en in 1953 gekozen als eerste werk in de literaire collectie Le Livre de Poche in pocketformaat.

In 1919 verscheen L’Atlantide bij Éditions Albin Michel.

Deze avonturenroman handelt over twee officieren die gegijzeld worden in een onbekend koninkrijk in de Sahara.

Aangeprezen door Maurice Barrès kreeg de roman de Grand Prix du roman de l’Académie française voor 1919.

Ook dit boek werd verscheidene malen verfilmd, onder andere door Jacques Feyder.

In 1954 schreef Henri Tomasi een opera op basis van deze roman.

De schrijverscarrière van Benoit was vanaf het verschijnen van L’Atlantide gelanceerd.

Vanaf dat moment publiceerde hij ongeveer één roman per jaar en in totaal een 45-tal avonturenromans bij de Éditions Albin Michel.

Hij schreef ook meer diepgaande literaire werken zoals Mademoiselle de La Ferté uit 1923, over de vriendschap tussen twee vrouwen.

Benoit was naast schrijver ook bibliothecaris op het ministerie van Openbaar Onderwijs.

Hij wilde eigenlijk werk waarbij hij veel kon reizen.

In 1923 ging hij voor de krant Le Journal werken als journalist en buitenlands verslaggever.

Benoit doorkruiste Anatolië dat op dat moment in oorlog was. Hij interviewde Mustafa Kemal Atatürk in Ankara.

Daarna deed hij Palestina en Syrië aan.

Als verslaggever werkte Benoit daarna voor verscheidene andere kranten, waaronder France-Soir.

Daarvoor reisde hij de hele wereld af en interviewde onder andere Haile Selassie, Benito Mussolini, Hermann Göring en António de Oliveira Salazar.

In 1931 werd Benoit verkozen tot lid van de Académie française.

Hij roerde zich op politiek gebied door zijn verzet tegen het Volksfront, een alliantie van centrum-linkse partijen.

Met zijn vrouw

Als academicus ijverde Benoit in 1938 voor de verkiezing van zijn vriend Charles Maurras in de Académie française.

In september 1944 werd Benoit gearresteerd op verdenking van collaboratie met de Duitsers.

Na zes maanden gevangenschap werd hij in april 1945 vrijgesproken, maar hij kreeg wel een publicatieverbod opgelegd.

Door bemiddeling van Jean Paulhan en Louis Aragon werd Benoits naam geschrapt van de zwarte lijst.

Met de roman Agriates die in 1950 verscheen, knoopte Benoit weer aan bij het succes.

In 1957 werd de verkoop van het vijf miljoenste exemplaar van zijn romans gevierd.

Nadat generaal de Gaulle in 1959 zijn vetorecht had uitgeoefend tegen de verkiezing van Paul Morand tot lid van de Académie française, diende Benoit een aanvraag in om ontslagen te worden uit de academie.

Het ontslag werd door de Académie française geweigerd en Benoit, een goede vriend van Morand, woonde geen zittingen van de academie meer bij.(Diverse bronnen, Wikipedia en foto’s Paris Match 24 maart 1962)

60 jaar geleden, te gast bij de cartoonist en striptekenaar Pil (pseudoniem van Joseph (‘Joe’) Meulepas) (De Post 4 februari 1962)

60 jaar geleden, te gast bij de cartoonist en striptekenaar Pil (pseudoniem van Joseph (‘Joe’) Meulepas) (De Post 4 februari 1962)
60 jaar geleden, te gast bij de cartoonist en striptekenaar Pil (pseudoniem van Joseph (‘Joe’) Meulepas) (De Post 4 februari 1962)

Denis Michiels met zijn muziekbijbel De Hit Encyclopedie.

Voor wie nog op zoek is naar een cadeau voor een muziekliefhebber.

Weet jij wie de eerste act was die een gouden plaat voor meer dan 100.000 verkochte singles mocht ontvangen?

Wat was de eerste Beatles-hit in de Lage Landen?

Wie was de artiest met de meeste hits in onze contreien?

Dit boek is de perfecte gids doorheen de 1000 meest populaire hits van 1954 tot halfweg 2021.

Naast anekdotes over de artiesten ontdek je ook het boeiende verhaal achter de liedjes en de vaak gekke evolutie die vele songs en bands doormaakten.

Zo kom je alles te weten over de hits waar Vlaanderen en Nederland de afgelopen decennia dol op waren en leer je liedjes, albums en artiesten kennen die misschien wel jouw nummer 1 kunnen worden!

Overal te verkrijgen overigens, fysieke winkels als Standaard Boekhandel, Fnac en de webwinkels, in Vlaanderen en Nederland!

Deze week 60 jaar geleden, de Twaalf Wonderlijke Sprookjes van Koningin Fabiola te koop in Vlaanderen

Het is in het Spaans geschreven en uitgebracht onder de titel Los doce Cuentos maravillosos in 1955 door Ediciones Sinpoples, Madrid.

In 1961 werd de sprookjesverzameling door Lia Timmermans naar het Nederlands vertaald en uitgebracht als De Twaalf Wonderlijke Sprookjes van Koningin Fabiola.

Het boek is ook naar het Frans vertaald onder de titel Les douzes Contes Merveilleux de la Reine Fabiola door Marie Gevers.

De opbrengsten van het boek kwamen ten goede aan het Nationaal Werk voor Kinderwelzijn.

Het boek bevat twaalf sprookjes, waarvan het vijfde, De Indische Waterlelies, in de Efteling is uitgebeeld.

De Indische Waterlelies is een sprookje over een heks in een oerwoud, die zo jaloers is op de schoonheid van de sterrenkinderen die dansen op een meer in het maanlicht, dat ze hen betovert in waterlelies.

Ter gelegenheid van het vijftienjarige bestaan van de Efteling opende het park in 1966 het jubileumsprookje

Voor de zang van de heks heeft de Efteling gebruikgemaakt van de stem van Yma Súmac met gedeeltes uit de nummers Taita Inty (Maagd van de zonnegod) en Choladas (Dans van het maanfestival).

Alhoewel ze niet bij de opening is, bezoekt Fabiola het sprookje op 21 juni 1967.

Samen met Prinses Paola en haar drie kinderen landt ze om 14.30 uur op vliegbasis Gilze-Rijen.

Ze laat zich daarnaast vergezellen door haar particulier secretaris, de Hofmaarschalk van Prinses Paola en Dr. W. van Cauwenberg die dan ambassadeur van België is in Nederland.

Het gezelschap komt om 15.00 uur aan in de Efteling, waar ze worden opgewacht door stichtingsvoorzitter Van der Heijden, directeur Diender, Anton Pieck en Peter Reijnders.

Acht dagen later mag de Efteling een brief ontvangen van de ambassadeur. In naam van de koningin schrijft hij hoezeer ze onder de indruk was van alles en voornamelijk De Indische Waterlelies.

Vijf jaar geleden, kreeg de attractie een update. (Diverse bronnen, Wikipedia, foto 2: Het eerste exemplaar ging naar een ziek Nederlands jongetje en zijn kleiner broertje die in Brugge woont en foto 4: Lia Timmermans en de Post van 10 december 1961)

Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels

Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels
Vandaag 150 jaar geleden, de geboorte van de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels

50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse schrijfster Marie Gevers in haar kasteel Mussenborg te Edegem (Antwerpen)

50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse schrijfster Marie Gevers in haar kasteel Mussenborg te Edegem (Antwerpen)
50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse schrijfster Marie Gevers in haar kasteel Mussenborg te Edegem (Antwerpen)
50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse schrijfster Marie Gevers in haar kasteel Mussenborg te Edegem (Antwerpen)
50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse schrijfster Marie Gevers in haar kasteel Mussenborg te Edegem (Antwerpen)
50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse schrijfster Marie Gevers in haar kasteel Mussenborg te Edegem (Antwerpen)
50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse schrijfster Marie Gevers in haar kasteel Mussenborg te Edegem (Antwerpen)

30 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse stripauteur, kunstschilder en illustrator Jan Bosschaert.

Op 16-jarige leeftijd verscheen er al een publicatie van Bosschaert in het stripblad Robbedoes. Vervolgens studeerde hij Vrije Grafiek aan het Sint-Lucasinstituut in Brussel.

Zijn eerste stripverhaal Icarus kwam uit in 1981. In 1983 verscheen Pest in ’t Paleis, een persiflage op de Belgische politiek, naar een scenario van Humo-journalist Guido Van Meir.

In 1998 tekende hij voor Urbanus het eerste album van een nieuwe stripreeks: De Geverniste Vernepelingskes.

In 2012 stopte hij tijdelijk met de reeks om zich meer bezig te houden met andere projecten.

Ander bekend werk van Bosschaert zijn de reeksen Sam en Jaguar.

Naast zijn stripverhalen is Jan Bosschaert bekend als kunstschilder en als illustrator. Dit laatste doet hij eerst en vooral voor de VRT, nadien voor een grote hoeveelheid uitgeverijen (onder andere Averbode, Uitgeverij Lannoo …), tijdschriften (Panorama) en schrijvers (onder anderen Marc de Bel, Katie Velghe). Ook enkele platenhoezen (onder anderen voor Pitti Polak, Plastic Bertrand, The Paranoiacs) en affiches (Saint-Amour) van zijn hand zijn verschenen.

Ter gelegenheid van 70 jaar Suske en Wiske tekende hij het stripverhaal De verwoede verzamelaar geschreven door Jan Verheyen.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post 11 januari 1991)

30 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse stripauteur, kunstschilder en illustrator Jan Bosschaert.

Vandaag 20 jaar geleden, voorstelling van het boek Paul McCartney Paintings in de Waterstone Bookstore in Londen.

Het boek bevat ruim 80 reprodukties van zijn werk, sinds hij begin jaren 80 is gaan schilderen.

Volgens McCartney-biograaf Barry Miles ,,brengt Paul al schilderend dezelfde humor en hetzelfde enthousiasme en plezier tot leven als hij dat deed met zijn muziek”.

De ex-Beatle zei er in The Guardian zelf over: Ik schilder gekke gezichtjes, landschappen, zeegezichten, waarvan u mij niet moet vragen wat ze voorstellen, maar mijn vrienden vinden ze leuk.”(Diverse bronnen, Foto 2 Kotsende Bowie 1990, Foto 4 Meneer Margrittes Liniaal 1995 en Foto 2 Paul en Bernd Zimmer )

Paul McCartney

Deze week 40 jaar geleden, publicatie van het boek De verbijsterde terugblik van een massaregisseur van de Nederlandse regisseur Carel Briels

Hij is vooral bekend geworden door het organiseren van massa-spektakels.

Het leverde hem de bijnaam “De Napoleon van het Massaspel” op.

Hij groeide op in Roosendaal. Al van jongs af speelde hij toneel.

Bijvoorbeeld op zijn middelbare school, het Sint Norbetuslyceum in Roosendaal tijdens Toneelavonden en tijdens een plechtige feestviering ter gelegenheid van zijn communiefeest op het Instituut St. Louis te Oudenbosch.

Hij verhuisde naar Amsterdam en volgde daar de toneelschool en behaalde in 1939 zijn diploma. Eind 1939 richtte hij zijn eigen toneelgezelschap op, Het Nederlands Toneellyceum.

Dit was meer dan een toneelgezelschap, het gezelschap had tot doel “het cultuurbezit te beschermen door begrip en liefde bij het Nederlandse volk aan te kweken voor de grote toneelwerken in de literatuur van alle tijden”.

Hoewel het Departement van Volksvoorlichting en Kunsten (DVK) Briels bij de start van Het Nederlands Toneellyceum gunstig gezind was, was het dat na de zomer van 1941 niet meer.

Het kwam zelfs zo ver dat Briels werd opgepakt en gevangen gezet in het Oranjehotel in Scheveningen (september 1942).

Hij werd gedwongen Het Nederlands Toneellyceum op te heffen waarna hij werd vrijgelaten.

Na de oorlog kreeg hij naamsbekendheid als artistiek leider en regisseur van talloze naoorlogse massaspelen.

Zo organiseerde hij in 1946 in het Olympisch Stadion in Amsterdam het spektakelstuk Het drama der bezetting.

In 1947 bracht hij het massaspel De waterweg heroverd in het Feyenoordstadion.

Bij het gouden regeringsjubileum van koningin Wilhelmina in 1948 leidde hij wederom in Amsterdam zo’n evenement.

Later regisseerde Briels onder meer het massaspel Zevenhonderd Jaar en één Nacht, bij het 700-jarig bestaan van de stad Breda (1952) en de expositie De Rijn in de RAI (1952).

In 1962 was opnieuw het Feyenoordstadion het podium voor One world or none, een vierdaags massaspel over het atoomtijdperk.

Deze productie werd via Eurovisie in vele landen uitgezonden en er waren ook filmploegen uit Amerika. Briels was een evenementenman avant la lettre en werd ook wel de Nederlandse Cecile B. de Mille genoemd. (Diverse bronnen, Theaterencyclopedie en De Post van 9 november 1980)

Deze week 40 jaar geleden, publicatie van het boek De verbijsterde terugblik van een massaregisseur van de Nederlandse regisseur Carel Briels

Vandaag 100 jaar geleden, verschijnt de Vlaamse literaire klassieker De Witte van Ernest Claes.

De figuur die Claes koos als type voor zijn verhaal heeft werkelijk bestaan, maar de enkele details uit het echte leven van de echte Witte werden ruimschoots aangevuld met verbeelding, observatie en eigen belevenissen van de schrijver.

Dat is ook het geval voor de andere figuren die een rol spelen in het verhaal. Claes schreef de eerste hoofdstukken al in 1908 voor het besloten gezelschap De Violier, een kleine vriendenkring van literatuurliefhebbers die Claes met enkele medestudenten van de Katholieke Universiteit Leuven had opgericht.

Daarna volgden nog enkele voorlezingen ervan in de studentenstad.

Pogingen om het verhaal te laten opnemen in De Nieuwe Gids of in Jong Dietschland mislukten.

Lodewijk Dosfel, hoofdredacteur van dit laatste tijdschrift, vond enkele passages toch te onkies en ongepast.

De volgende hoofdstukken kon Claes wel laten verschijnen in het Leuvense studentenblad Ons Leven, wat hem op een reprimande van de vice-rector kwam te staan.

Vanaf 1911 verschenen het vierde en de volgende hoofdstukken in diverse tijdschriften, zoals Het Land (opgericht in 1911 door Juul Grietens), Dietsche Warande, Groot Nederland en Vlaamsche Arbeid.

Tijdens de oorlogsjaren schreef Claes andere verhalen, waaronder enkele oorlogsnovellen. In 1919 hervatte hij het schrijven aan De Witte en schreef nog twee bijkomende hoofdstukken.

Het boek werd ten slotte afgewerkt toen Emmanuel de Bom hem in 1919 vroeg of hij de novelle De Witte uit kon brengen in de nieuwe serie Vlaamse Bibliotheek, als onderdeel van de Wereldbibliotheek.

Claes schreef toen de laatste vijf hoofdstukken.

Het boek verscheen met 12 pentekeningen van Jos Leonard. De oplage van vijfduizend exemplaren was na enkele maanden uitverkocht.

In totaal zijn er al 128 drukken van deze bijzondere schelmenroman gemaakt.

Hij werd twee keer verfilmd, in 1934 door Jan Vanderheyden (De Witte) en in 1980 door Robbe De Hert onder de titel De Witte van Sichem. (Diverse bronnen en Wikipedia)

Jef Bruyninckx