40 jaar geleden, te gast bij de Nederlands schrijver, liedjesschrijver en copywriter Herman Pieter de Boer.

Herman Pieter de Boer werd in 1928 geboren in Rotterdam.

Nadat hij de HBS had afgerond en zijn dienstplicht van drie jaar had vervuld, richtte hij in 1954 samen met Dimitri Frenkel Frank en Hans Ferrée een Amsterdams reclame- en ideeënbureau op.

Later ging De Boer onder meer schrijven voor weekblad De Tijd.

Hij publiceerde onder meer columns, verhalenbundels en gedichten en werkte mee aan cabaretprogramma’s.

De Boer was ook actief als muziekschrijver.

Zo schreef hij bijvoorbeeld, onder het pseudoniem Johnny Austerlitz, de tekst van het lied Oh Waterlooplein (1969).

Het origineel is een nummer van Jason Crest, dat daarna vertaald wordt in het Frans.

Onder de naam Johnny Austerlitz schrijft Herman Pieter de Boer de Nederlandse vertaling.

Midden jaren zeventig verschijnen er drie platen van Conny Vandenbos. De Boer schrijft teksten voor elke plaat.

In 1977 komt het debuut van André Hazes uit: Zo Wil Ik Leven.

De Boer schrijft vier liedteksten voor de Amsterdamse volkszanger.

Hij krijgt van producer Eric Boom een bandje en bladmuziek van het lied Ma Dernière Volonté.

Of hij daar iets moois van wil maken voor Ramses Shaffy.

Er is haast bij want ze zijn al aan het opnemen.

Een paar dagen later belt Shaffy in de holst van de nacht De Boer op en zegt met veel gestommel op de achtergrond dat hij toch een tekst zou willen hebben.

De volgende middag sluit De Boer zich op in een kamer, luistert nog eens naar het bandje en schrijft in twintig minuten de tekst van Laat Me.

Een van de bekendste liedjes van Ramses Shaffy.

Een ander bekende liedtekst van zijn hand is Visite en Maar Ja dat door Lenny Kuhr werd gezonden.

Zij was ook zo’n twaalf jaar de levenspartner van De Boer.

Met Boudewijn de Groot schrijft hij het nummer Annabel.

Het nummer is bedoeld voor zijn plaat Van Een Afstand, maar De Groot laat het liedje links liggen.

Hans de Booij scoort er even later een grote hit mee.

Verder schreef Herman Pieter de Boer verschillende teksten voor Kinderen voor Kinderen.

De bekendste daarvan zijn Ik heb zo waanzinnig gedroomd en Op een onbewoond eiland.

In 2009 werd het laatstgenoemde nummer uitgeroepen tot grootste Kinderen voor Kinderen-klassiek.

In 1984 scoort Hans de Booij een hit met de single Thuis Ben. Herman Pieter de Boer tekent voor de tekst.

Herman Pieter de Boer schrijft verschillende teksten voor Dana Winner die op meerdere albums terechtkomen: Regenbogen (1993), Mijn Paradijs (1994), Regen Van Geluk (1995) en Waar Is Het Gevoel (1996).

In 1994 scoort Winner een hit met het door De Boer geschreven Westwind.

In 2002 wint Herman Pieter de Boer een Gouden Harp.In april wordt Herman Pieter de Boer benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau.

Herman Pieter de Boer overlijdt in de nieuwjaarsnacht in 2014 in zijn woonplaats Eindhoven.

Hij is 85 jaar geworden.

40 jaar geleden, te gast bij de Nederlands schrijver, liedjesschrijver en copywriter Herman Pieter de Boer

Vandaag is het ook al vijftien jaar geleden dat de Gentse kursiefjesschrijver Prosper De Smet is gestorven.

Ongeveer 20 jaar geleden, leerde ik hem kennen dankzij Coenraed de Waele en ik nodigde hem dan ook uit om zijn gedichten bundel Gekke gedachten, stille gepeinzen voor te stellen in de Hotsy Totsy.

Hij werd geboren in het ouderlijk huis te Gent, in de Roggestraat.

Zijn vader, August, was dokwerker, zijn moeder, Cordula D’haese, naaister.Vader De Smet overleed in 1928.

Vanaf dat jaar, 9 jaar oud, tot oktober 1932, verbleef Prosper in het Stedelijk Weeshuis voor Jongens (“Kuldershuis” genoemd) op de Martelaarslaan te Gent.

Toen zijn moeder hertrouwde kon hij, vanaf november 1932, opnieuw bij haar en zijn stiefvader wonen, in de Roggestraat.

Na de Lagere Hoofdschool aan de Van Monckhovenstraat, volgde De Smet de beroepsschool aan de Martelaarslaan te Gent.

Tot de leeftijd van 17 jaar volgde hij daar een opleiding “letterzetter”. Hij ging naar de avondschool om zich te bekwamen in het Frans, Engels en Duits.Rond zijn veertiende jaar ontdekte hij het werk van Felix Timmermans, James Oliver Curwood en vooral Multatuli.

Na het verlaten van de school, in 1936, werkte hij in de drukkerij Heuvelmans aan de Lindelei. Kort daarop, 18 jaar oud, werd hij als soldaat gelegerd te Brussel.

Na 17 maanden dienst werd hij gemobiliseerd te velde.Het gezin verhuisde in januari 1940 naar de Hoppestraat (nu Poperingestraat).

In het ouderlijk gezin werd, met uitzondering van de krant Vooruit, niet gelezen. Prosper had vrij vroeg belangstelling voor de dagelijkse rubriek Boekuil (van Raymond Herreman) en voor de wekelijkse bladzijde Geestesleven.

In april 1946, na zijn huwelijk, verhuisde hij naar de Rooigemlaan.

In 1951 trok het gezin naar de Grensstraat en juli 1960 vestigden zij zich in de Bosuilstraat te Wondelgem, waar hij woonde tot aan zijn dood.

Vanaf 1945 werkte hij als drukker-letterzetter, eerst bij de Gentse firma Collier in de Jutestraat en vanaf 1948 bij het dagblad Vooruit, in de Sint-Pietersnieuwstraat.

Na een paar jaar verzorgde hij ook de lay-out van de krant. Na het stopzetten van Vooruit (1978) was hij nog enkele jaren verbonden aan de krant De Morgen.

In 1980 ging hij met pensioen.Van 1952 tot 1965 schreef hij – nog steeds letterzetter en lay out-man in de drukkerij – onder pseudoniem PDS boekbesprekingen voor de rubriek Geestesleven van Vooruit.

Van 1953 tot 1975 leverde hij (nu onder pseudoniem Polke Pluim) humoristische bijdragen voor de sportbladzijden.

In 1961 voegde hij daaraan nog een dagelijks cursiefje toe (ondertekend met P. Pluim).Dertig jaar lang zou hij dit volhouden, ook nadat Vooruit opging in De Morgen. In laatstgenoemde krant vertraagde het ritme iets: vanaf 1991 verschenen er wekelijks nog drie cursiefjes, dan twee en ten slotte nog één.

In september 2001 stopte hij definitief met zijn bijdragen.

De Smet schreef dus bijna 50 jaar voor de krant.In 1988 werd een bundel cursiefjes uitgegeven onder de titel In de Krabbel.

Zijn meestal optimistische stukjes hebben soms een vleugje weemoed.

Ze gaan vooral over het dagelijkse leven van de gewone man. Ze zijn vaak een milde, maar tezelfdertijd rake commentaar op de samenleving.

Tussen 1963 en 1965 publiceerde De Smet, onder zijn eigennaam, een tiental novellen in Elseviers weekblad.Novellen werden ook opgenomen o.m.in het Nieuw Vlaams tijdschrift, in Dietsche Warande & Belfort en in De Vlaamse gids.Tussen 1955 en 1990 werden ook een achttal romans, een toneelstuk, een verhalenbundel en enkele dichtbundels gepubliceerd.

In 1999 gaf hij, in eigen beheer, nog een dichtbundel uit: Gekke gedachten, stille gepeinzen.In 1957 werd de eerste roman van De Smet, De ontploffing, uitgegeven.

Hij werd ervoor onderscheiden met de publieksprijs, het zgn. Referendum van Vlaamse letterkundigen.

De Groene Amsterdammer riep dit werk uit tot boek van de maand.

Een jaar later verscheen het verhalend gedicht Aan de voet van ‘t Gravensteen; nog in hetzelfde jaar kende de stad Gent er hem haar Letterkundige prijs voor toe.

Zijn toneelstuk De ondernemingsraad werd in 1968 onderscheiden met de Visser Neerlandiaprijs; het werd nog in 1968 opgevoerd door de Gentse Multatulikring

In 1969 kreeg hij een tweede maal de Letterkundige prijs van zijn geboortestad, dit keer voor zijn verhalenbundel Prinses en coverboy.

Het geweer zonder kogels (1985) is een roman over zijn soldatentijd tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Met zijn romans en zijn novellen bevestigt De Smet dat hij een rasecht verteller is.

Zijn werk getuigt van rechtvaardigheidsgevoel en van een sterke sociale betrokkenheid.

Scherpzinnigheid en humor, naast wijsheid en mededogen, laten hem toe de kleinmenselijke kantjes liefdevol te relativeren.

Prosper De Smet stierf in 2005 op zesentachtigjarige leeftijd (diverse bronnen, Helena de Vetter en Wikipedia)

De Franse actrice Macha Méril mag vandaag 80 kaarsjes uitblazen.

Méril stamt van haar vaders kant af van het Russische prinselijke huis Gagarin en van haar moeders kant uit een Oekraïense adellijke familie.

Ze verscheen in 125 films tussen 1959 en 2012, waaronder films geregisseerd door Jean-Luc Godard (A Married Woman / Une femme mariée), Luis Buñuel (Belle de jour) en Rainer Werner Fassbinder (Chinese Roulette).

Ze verscheen ook in de Canadese televisieserie Lance et Compte uit Quebec.

Ze trouwde in 1969 met de Italiaanse regisseur Gian Vittorio Baldi.

Het huwelijk eindigde in 1978.

Ze is wellicht het best bekend om haar rollen als medium Helga Ulmann in Deep Red van Dario Argento en als een sadistische rijke dame in Night Train Murders (1975) van Aldo Lado.

In 2014 trouwde ze met de Franse componist Michel Legrand. (Divers bronnen, Wikipedia en foto 1 en 3 uit de Franse film La Main Chaude (1960) en dit samen met Jacques Charrier, foto 4 samen met haar zus Hélène in hun flat in Parijs

De Vlaamse schrijver Paul Koeck mag vandaag 80 kaarsjes uitblazen.

Na zijn studies aan de Rijksnormaalschool te Lier en het Instituut voor Journalistiek te Brussel, werkte hij tot 1971 in het Antwerps onderwijs om vanaf toen fulltime schrijver te worden.

Hij volgde cursussen voor het schrijven van film- en televisiescripts in Hilversum, Londen, Brussel en Sydney.

Hij doceerde scriptwriting bij Maatwerk, Brussel.

Van 1990 tot 2000 adviseerde hij onder andere de VTM voor de afdeling Eigen Drama.

In mei 2001 werd hij voorzitter van P.E.N.-centrum Vlaanderen.Romans en verhalen van hem werden vertaald in het Frans, Duits Engels en Litouws.

Toneelstukken in het Engels, Duits en Catalaans. Films die naar zijn scripts werden gedraaid, werden in het Engels, Duits en Spaans nagesynchroniseerde versies uitgezonden in ongeveer dertig landen.(Diverse bronnen, Foto’s juni 1990 en Wikipedia)

De Vlaamse schrijver Paul Koeck mag vandaag 80 kaarsjes uitblazen.
De Vlaamse schrijver Paul Koeck mag vandaag 80 kaarsjes uitblazen
De Vlaamse schrijver Paul Koeck mag vandaag 80 kaarsjes uitblazen
De Vlaamse schrijver Paul Koeck mag vandaag 80 kaarsjes uitblazen

60 jaar geleden, te gast op het landgoed te Nohant in Frankrijk, waar kasteelvrouw, schrijfster en feministe avant la lettre George Sand woonde.

Op 11 december 1822, op achttienjarige leeftijd, werd George Sand uitgehuwelijkt aan baron Casimir Dudevant, een jongeman die zich al vroeg uit het leger had teruggetrokken en zijn tijd doorbracht als herenboer.

Sand was dit huwelijk niet echt uit liefde aangegaan, maar meer om te ontsnappen aan de druk van haar familie.

Het verschijnen van Jean-Pierre Aurélien de Sèze, advocaat-generaal te Bordeaux, zorgde voor instabiliteit in het huwelijk van George Sand.

Zij ontmoette hem voor het eerst in 1825.

Vijf jaar lang onderhielden zij een levendige briefwisseling.

Tijdens deze periode ontmoetten ze elkaar echter vrij zelden.

De relatie was platonisch, maar wist toch de jaloezie van Sands man op te wekken. De eerste scheuren in hun huwelijk manifesteerden zich. Sand realiseerde zich dat haar man meer interesse had voor zijn vee en de jacht dan voor haar.

Op zijn beurt vond baron Dudevant het moeilijk getrouwd te zijn met een vrouw die intellectueel duidelijk zijn meerdere was.

Al die tijd had George Sand ook een innige band met Stéphane Ajasson de Gransagne, die zij al sinds haar jeugd kende.

Hun relatie was steeds een onderwerp van roddel geweest, maar rond 1827 werden de roddels rond een buitenechtelijke relatie zo sterk dat men zelfs het vaderschap van haar dochter Solange (geboren op 13 september 1828) aan Gransange toeschreef.

Vanaf ongeveer 1830 tot aan haar dood schreef George Sand elke dag.

Toen zij in 1831 brak met haar man, trok zij samen met haar twee kinderen naar Parijs om zich aan de literatuur te wijden.

De romans die zij vervolgens schreef, voortaan onder het pseudoniem George Sand, vertoonden dezelfde romantische inslag: Valentine (1832) en Lélia (1833).

In deze jaren werd zij een graag gezien persoon in de Parijse literaire kringen.

Sainte-Beuve was gedurende een korte periode de vertrouwenspersoon van haar gevoelsleven én haar literair raadgever.

Zij had een kortstondige romance met Prosper Mérimée.

De ‘losbandige’ levenswandel van Sand en haar vele kortstondige romances zorgden voor heel wat schandaal. Bovendien kleedde ze zich als een man – zij droeg een broek en rookte pijp – wat haar eveneens tot onderwerp van gesprek maakte.

Sand ontmoette Alfred de Musset tijdens een diner in 1833.

Een tijd daarna begonnen de twee een amoureuze relatie. In 1833-34 maakten zij een reis naar Venetië.

Het paar kon het in eerste instantie uitstekend met elkaar vinden, maar geleidelijk aan irriteerden ze elkaar. Sand schreef gedurende grote delen van de dag, soms zelfs acht uur aan één stuk, en Musset zocht verstrooiing in cafés, bars en bij prostituees.

Toen Musset echter ziek werd, verpleegde Sand hem met de grootste zorg. Tegelijkertijd had zij een romance met de dokter die hem verpleegde, Pietro Pagello.

Toen Musset genezen was, keerde hij terug naar Parijs. Sand bleef in Venetië en kwam uiteindelijk ook naar Parijs terug, samen met Pagello.

De romance was echter een kort leven beschoren en Sand dong al vlug weer naar de aandacht van Musset, onder andere door haar haar af te snijden en het hem toe te sturen.

Musset gaf echter niet toe en vergaf haar haar ontrouw niet. Ze hadden voortaan wat men nu een knipperlichtrelatie zou noemen, maar in maart 1835 kwam het tot een definitief einde.

De relatie vormde de inspiratie tot het schrijven van twee werken van literair belang: La Confession d’un enfant du siècle van Musset en Elle et lui van Sand.

Tijdens haar verblijf in Italië schreef Sand ook nog de volgende werken: Leone Leoni, André, Le Secrétaire intime, Jacques, en Les Lettres d’un voyageur, die zij stuurde naar de Revue des Deux Mondes.

Na Musset volgde een meer duurzame relatie met Michel de Bourges, een advocaat die Sand ontmoette in april 1835.

De Bourges was een autoritair man, die haar fascineerde en haar politiek bewust maakte. Zij deelde zijn republikeinse passie en nam zelfs het risico om haar appartement tot een republikeinse verzamelplaats te maken.

Toch nam ze uiteindelijk afstand van deze oudere man, die overigens virieler was dan haar vorige minnaars. Hij had haar ontgoocheld toen hij een vurig pleidooi hield voor een radicale en bloedige revolutie.

Door haar sociaal engagement stond zij ook positief tegenover de Revolutie van 1848 en wierp ze zich in de politieke actie aan de zijde van de republikeinse politicus Alexandre Auguste Ledru-Rollin.

Toch ontgoochelde de revolutie haar tijdens het Junioproer en trok zij zich terug uit de politiek.

In de salons ontmoette Sand, die ook een grote liefde voor de muziek had, in 1836 haar volgende grote liefde: de Poolse componist-pianist Frédéric Chopin.

Maar tot een echte verhouding kwam het pas drie jaar later. Hun relatie was vrij discreet, aangezien Chopin de reactie van zijn familie vreesde.

Ze zou negen jaar duren, tot 1847, en zou nu als een latrelatie te boek staan.

De zomer van 1839 brachten ze door te Nohant.

Chopin bezat een gecompliceerd, egocentrisch karakter en had moeite met de socialistische vriendschapsbanden van Sand.

Bovendien stelde Maurice, Sands zoon, zijn moeders relatie met Chopin niet op prijs. Op zijn beurt was de componist juist erg ingenomen met Sands vrijgevochten dochter Solange.

Daarom was hij ontstemd toen hij vernam dat Sand had ingestemd met het huwelijk (in 1847) van haar dochter met de beeldhouwer Jean-Baptiste Clésinger, een vrij brutale, aan alcohol verslaafde man.

Kort daarop werd Chopin ziek.

Hij was niet in Nohant toen er een geweldige ruzie ontstond tussen Clésinger aan de ene kant en George Sand en Maurice aan de andere kant.

George Sand brak volledig met haar dochter en eiste van Chopin dat hij dat ook zou doen. Dat deed hij echter niet en op 24 juli 1847 pleitte hij in een brief aan George Sand voor een verzoening tussen haar en haar dochter.

In reactie hierop verbrak Sand in een brief van 28 juli de relatie die negen jaar had geduurd.

Chopin was niet de enige componist die door Sand werd bewonderd.

Zij had ook een grote bewondering voor Franz Liszt, die zij via Musset had leren kennen.

Sands laatste minnaar, die in 1849 haar leven binnenkwam, was Alexandre Manceau.

Manceau, die door Sands zoon Maurice aan haar werd voorgesteld, werd Sands privésecretaris en later ook haar geliefde. Maurice kon echter maar moeilijk Manceaus rol in het leven van zijn moeder verteren.

Sand zou echter Manceau trouw blijven en hem tijdens zijn ziekte verzorgen tot diens dood op 21 augustus 1865.

Sand onderhield ook nauwe vriendschapsbanden met de actrice Marie Duval, wat leidde tot nooit bewezen geruchten over een lesbische relatie.

Sand stierf uiteindelijk in 1876, 71 jaar oud, op haar landgoed.George Sand maakte deel uit van de eerste generatie schrijvers die daadwerkelijk van hun pen konden leven in de negentiende eeuw.

Deze generatie omvatte schrijvers als Honoré de Balzac, Victor Hugo, Alexandre Dumas père en Eugène Sue.

Sand was de enige vrouw in dit selecte gezelschap.

60 jaar geleden, te gast op het landgoed te Nohant in Frankrijk, waar kasteelvrouw, schrijfster en feministe avant la lettre George Sand woonde.
60 jaar geleden, te gast op het landgoed te Nohant in Frankrijk, waar kasteelvrouw, schrijfster en feministe avant la lettre George Sand woonde.
60 jaar geleden, te gast op het landgoed te Nohant in Frankrijk, waar kasteelvrouw, schrijfster en feministe avant la lettre George Sand woonde.
60 jaar geleden, te gast op het landgoed te Nohant in Frankrijk, waar kasteelvrouw, schrijfster en feministe avant la lettre George Sand woonde.

40 jaar geleden, dichteres, essayiste en vooral prozaschrijfster Marguerite Yourcenar tijdens haar vakantie naar Haïti en Cuba.

Op 8 juni 1903 geboren in Brussel en haar echte naam is Marguerite Cleenewerck de Crayencour; van dat laatste is haar pseudoniem (Yourcenar) een anagram.

De auteur, dochter van een Belgische moeder van Belgische adel (Fernande de Cartier de Marchienne, lid van de familie De Cartier, en een Franse burgerlijke vader uit de Nord (Frans-Vlaanderen) (Michel Cleenewerck de Crayencour), werd vrij jong wees.

Haar moeder overleed kort na haar geboorte en haar vader voedde haar op buiten het reguliere schoolsysteem.

Hij leerde haar moderne talen en Latijn.

Zij bewonderde haar vader om zijn zin voor avontuur, zijn weetgierigheid en zijn non-conformisme. De beste vriendin van haar moeder, de auteur Jeanne de Vietinghoff, werd een tweede moeder en groot voorbeeld voor Marguerite.

De schrijfster in spe bracht haar vakanties door op de Zwarteberg bij Belle, vlak bij de grens van Frans- Vlaanderen en West-Vlaanderen.

Volgens eigen zeggen keek zij graag naar de wereld door een Vlaamse bril.

In een interview uit 1986 met Jozef Deleu zei ze in dit verband: Hoewel ik Française ben en de Franse taal mij van kindsbeen af vertrouwd is en het instrument van mijn schrijverschap is, kan ik mij mezelf niet voorstellen zonder Vlaanderen, zonder de streek waar ik voor het eerst in mijn bestaan werd geconfronteerd met de zuiverheid en de kracht van de grote dingen: het water, de lucht en de aarde.

Ze debuteerde als schrijfster met Alexis ou le traité du vain combat in 1929, het jaar dat zij haar vader verloor.

Na haar roman Mémoires d’Hadrien (1951), die haar wereldberoemd maakte, werd zij in 1970 lid van de Belgische Académie royale de langue et de littérature française.

In 1980 werd zij als eerste vrouw opgenomen in de Académie française te Parijs.

In 1983 kreeg ze de Erasmusprijs.Haar vroege romans analyseerden de homoseksuele liefdes van haar vader. Zelf was ze aangetrokken door vrouwen en vestigde zich in 1937 in de Verenigde Staten van Amerika, waar ze tot 1979 met haar vriendin Grace Frick op Mount Desert Island woonde en waar ze in 1987 overleed.

Als eerbetoon werd in Brugge een straat (zijstraat Brugse Steenweg) naar Marguerite Yourcenar vernoemd.(Diverse bronnen, Nicole Verschoore, Wikipedia en foto 1, 2 en 3 met kapitein Jean-Marie Guillou van het schip Mermoz, waar ze verbleef tijdens haar reis en foto 4 Marguerite Yourcenar toen ze 5 jaar was)

40 jaar geleden, dichteres, essayiste en vooral prozaschrijfster Marguerite Yourcenar tijdens haar vakantie naar Haïti en Cuba
40 jaar geleden, dichteres, essayiste en vooral prozaschrijfster Marguerite Yourcenar tijdens haar vakantie naar Haïti en Cuba
40 jaar geleden, dichteres, essayiste en vooral prozaschrijfster Marguerite Yourcenar tijdens haar vakantie naar Haïti en Cuba
Marguerite Yourcenar toen ze 5 jaar was

40 jaar geleden, te gast bij journalist, columnist en schrijver Hugo Camps.

40 jaar geleden, te gast bij journalist, columnist en schrijver Hugo Camps.
40 jaar geleden, te gast bij journalist, columnist en schrijver Hugo Camps.
40 jaar geleden, te gast bij journalist, columnist en schrijver Hugo Camps.
40 jaar geleden, te gast bij journalist, columnist en schrijver Hugo Camps.

Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Amerikaanse schrijver Henry Miller.

Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Amerikaanse schrijver Henry Miller.
Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Amerikaanse schrijver Henry Miller.
Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Amerikaanse schrijver Henry Miller.
Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Amerikaanse schrijver Henry Miller.
Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Amerikaanse schrijver Henry Miller.
Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Amerikaanse schrijver Henry Miller.

Vandaag 60 jaar geleden, te gast bij de Franse actrice en schrijfster Cécile Aubry en haar jarige zoon Mehdi El Glaoui.

Haar zoon was toen vier jaar geworden en mag dus vandaag 64 kaarsjes uitblazen.

Aubry kende haar eerste grote succes bij haar debuut als actrice in de bekroonde film Manon (1949) van Henri-Georges Clouzot.

Ze werd op de cover geplaatst van het tijdschrift Life (26 juni 1950).

Ze hield er een contract aan over bij 20th Century Fox.

In The Black Rose (1950) speelde Aubry samen met Tyrone Power en Orson Welles, en in Barbe-Bleue (1951) speelde zij de rol van de laatste vrouw van Blauwbaard (gespeeld door Hans Albers in het Duits en Pierre Brasseur in de Franse versie).

In 1956 trouwde ze in de moskee van Parijs met Si Brahim el Glaoui, zoon van Thami El Glaoui, pacha van Marrakech, en was niet langer meer actrice.

Na de geboorte van hun zoon, Mehdi El Glaoui vestigde ze zich in Frankrijk en werd romanschrijfster en auteur van kinderboeken.

Sommige van haar werken werden herwerkt tot tv-series.

Ze bewerkte ook zelf een paar van haar boeken voor televisie, zoals de kinderboekenserie met de pony Poly en de jongens Vincent en Pascal in de hoofdrol.

Vooral ook Belle et Sébastien, waarin de rol van Pascal werd gespeeld door haar zoon Mehdi. Belle et Sébastien, werd een feuilleton in 39 episodes, (1965-1970), uitgezonden op de Franse tv, en ook op de Nederlandse tv (1968-1972).

In 2013 werd het boek verfilmd door Nicolas Vanier.

Deze verfilming kwam er pas na de dood van Aubry, omdat zij er zich steeds tegen had verzet.

Aubry overleed twee weken voor haar 82e verjaardag aan longkanker.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post van 12 juni 1960)

60 jaar geleden, te gast bij de Fanse actrice en schrijfster Cécile Aubry
60 jaar geleden, te gast bij de Fanse actrice en schrijfster Cécile Aubry
60 jaar geleden, te gast bij de Fanse actrice en schrijfster Cécile Aubry