Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Vlaamse organist, componist en muziekpedagoog Flor Peeters is overleden.

Franciscus Florentinus Peeters werd geboren op 4 juli 1903 in Tielen, als jongste in een gezin van elf.

De componist groeide op in een muzikale omgeving en werd al snel geboeid door het artistieke milieu. Gedurende zijn middelbareschooltijd in Herentals en Turnhout studeerde hij piano, orgel (bij H. Quinen en Jozef Brandt) en viool.

Op zestienjarige leeftijd begon Peeters aan zijn studie aan het Lemmensinstituut in Mechelen, waar hij les kreeg van Lodewijk Mortelmans (compositie), Jules van Nuffel (gregoriaanse muziek en analyse) en Oscar Depuydt (orgel en liturgische improvisatie).Peeters ontving zijn einddiploma in 1923 en werd in dat jaar tweede organist aan de St-Romboutskathedraal te Mechelen.

Hij behaalde de hoogste onderscheiding, namelijk de Prijs Lemmens-Tinel, in 1923.

Hij was de jongste laureaat van deze prijs in de geschiedenis van de school.

In 1923 werd hij meteen tweede organist aan de kathedraal en hulpleraar aan het Lemmensinstituut, beide opdrachten als hulp voor zijn orgelleraar Oscar Depuydt, die met Lodewijk Mortelmans tot zijn belangrijkste leraren kan worden gerekend.

Bij het overlijden van Depuydt in 1925, werd Flor Peeters hoofdorganist aan de kathedraal en hoofdleraar orgel aan het Lemmensinstituut te Mechelen.

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Vlaamse organist, componist en muziekpedagoog Flor Peeters is overleden.

In 1931 werd hij orgelleraar aan het Kon. Conservatorium te Gent en in 1935 leraar orgel en improvisatie aan de Rooms – Katholieke Leergangen te Tilburg.

Aan het Lemmensinstituut gaf hij les van 1923 tot 1952; aan het conservatorium te Gent van 1935 tot 1948. In 1948 werd hij orgelleraar aan het Kon. Vlaams Conservatorium te Antwerpen; van 1952 tot 1968 was hij tevens directeur van deze instelling.

In 1968 op pensioen gesteld, kreeg hij een opdracht van het ministerie van Nederlandse Cultuur om elk jaar te Mechelen, in de kathedraal, een Internationale Meesterklas te doceren.

Hij zou dat doen tot en met 1985.

Flor Peeters was lid van de Kon. Academie voor Wetenschappen, Letteren en Schone Kunsten van België en erelid van de Royal Academy of Music te Londen.

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Vlaamse organist, componist en muziekpedagoog Flor Peeters is overleden.

In 1964 werd hij, met Olivier Messiaen, aangesteld tot consultor bij het Vaticaans Concilie II, maar beiden werden nooit geraadpleegd.

Flor Peeters was eredoctor in de muziek van de Catholic University of Washington (1962) en van de Katholieke Universiteit te Leuven (1971).

In 1971 benoemde de Koning hem tot baron. Enkele maanden voor zijn dood, ontving hij de Belgische Staatsprijs voor de bekroning van een artistieke carrière.

De componist groeide op in een muzikale omgeving en werd al snel geboeid door het artistieke milieu. Gedurende zijn middelbareschooltijd in Herentals en Turnhout studeerde hij piano, orgel (bij H. Quinen en Jozef Brandt) en viool.

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Vlaamse organist, componist en muziekpedagoog Flor Peeters is overleden.

Peeters gaf jaarlijks meesterklassen in de Verenigde Staten en sinds 1968 ook in Mechelen.

Als organist kende hij zowel binnen als buiten Europa bijzondere faam en gaf concerten over de hele wereld.

Tot zijn vast repertoire behoorde, naast eigen composities, werk van Bach, Widor en bovenal Franck. Bovendien genoot Peeters ook als pedagoog aanzien; hij was de initiator van de cursus muziekpedagogie aan het Belgische conservatorium.

De componist kreeg tijdens zijn leven talrijke onderscheidingen, waaronder een eredoctoraat aan de University of America (1962) en aan de Katholieke Universiteit Leuven (1971).

Hij overleed te Antwerpen op 4 juli 1986.

Vandaag is het ook al 35 jaar geleden dat de Vlaamse organist, componist en muziekpedagoog Flor Peeters is overleden.

50 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse musicus en beiaardier Jo Haazen in Antwerpen (De Post 20 juni 1971)

Jo Haazen studeerde aan het Koninklijk Vlaams Muziekconservatorium te Antwerpen en aan de Koninklijke Beiaardschool “Jef Denyn” te Mechelen.

Hij was van 1968 tot 1981 stadsbeiaardier van Antwerpen, leraar muzikale opvoeding en esthetica aan het Instituut voor Talen, Secretariaat en Toerisme ‘Van Celst’ (middelbaar onderwijs) en leraar Esperanto aan de Stedelijke Avondleergangen voor Talen te Antwerpen.

Hij was tevens plaatselijk voorzitter van het Jong-Davidsfonds, voorzitter van de Koninklijke Esperanto-vereniging ‘La Verda Stelo’ en bestuurslid van het Verbond van Vlaamse Cultuurverenigingen te Antwerpen.

Hij was medestichter en voorzitter van steinerschool “Het Rozenpoortje” te Kalmthout en promotor van “De Zonneschool”, een pluralistische vereniging voor individuele en maatschappelijke bewustwording.

Als eerste laureaat van het 8e, 9e en 10e Internationaal Beiaardconcours van het Holland-Festival te Hilversum (1966-67-68) ontwikkelde hij zich tot een van de beste beiaardiers van de huidige generatie.

Zijn concerten vanuit de Onze-Lieve-Vrouwenkathedraal te Antwerpen brachten duizenden toehoorders op de been. Hij ligt aan de basis van de renaissance van de beiaardkunst in Vlaanderen na de Tweede Wereldoorlog en wordt beschouwd als een eminentie op beiaardgebied.

Van 1981 tot 2009 was hij stadsbeiaardier in Mechelen en van 1981 tot 2010 directeur van de Koninklijke Beiaardschool “Jef Denyn”.

Hij schreef een vijfdelig methodisch leerboek voor beiaard, uitgegeven met de steun van de Vlaamse Overheid, realiseerde een aantal cd’s met beiaardmuziek en schreef verschillende publicaties over klokkenkunst en filosofische onderwerpen.Jo Haazen concerteerde in vele landen.

Hij promootte de beiaardkunst in China, Japan, Oekraïne en Rusland en werd in 2003 aangesteld als titularis-beiaardier van het Staatsmuseum voor de Geschiedenis van Sint-Petersburg (Peter-en-Paulusvesting).

Sedert 2006 is hij hoogleraar aan de Faculteit voor Kunst van de Staatsuniversiteit te Sint-Petersburg (afdeling orgel, klavecimbel en beiaard) en gastdocent aan de Faculteit voor Vergelijkende Godsdienstwetenschappen (FVG-VUB) te Antwerpen.

In 1980 verleende de University of California, Berkeley (VSA) hem de onderscheiding “Honors of Music”.

In 1995 ontving hij van het Belgisch Ministerie van Binnenlandse Zaken de Burgerlijke Medaille Eerste Klasse.

In 2000 werd hij ‘Pro Pace et Unitate, e meritu et honoris causa’ opgenomen in de Europese Eresenaat (BVSE-UEF).

In 2004 werd hem het Erediploma van de stad Sint-Petersburg uitgereikt en onderscheidde president Vladimir Poetin hem met de Orde van de Vriendschap voor zijn “unieke bijdrage tot de wederopleving van de muziektradities in de Peter-en-Paulusvesting te Sint-Petersburg die aldaar in het leven geroepen werden door tsaar Peter de Grote”.

In 2005 werd hem in Luxemburg door de European Merit Foundation de Zilveren Medaille overhandigd “for his important activities in favor of Europe”.

In 2009 werd hij bekroond met de Christoffel Plantin Prijs, een onderscheiding die wordt uitgereikt aan personen die een bijzondere bijdrage hebben geleverd voor de bekendheid van België in het buitenland.

In 2012 werd hij gehonoreerd met een Gouden Label voor zijn ganse carrière, een onderscheiding van Klassiek Centraal, de webkrant voor de klassieke muziekliefhebber.

In 2012 werd hij Commandeur in de Kroonorde.

In 2015 werd hem door “Marnixring” te Mechelen de 8e Gaston Feremansprijs toegekend.

Op 15 december 2012 gaf hij de aanzet tot een internationaal humanitair project (UEA-UNESCO) ter aanvulling de “Universele Verklaring van de Rechten van de Mens” met amendementen over menselijke plichten.

Jo Haazen is een van de circa 25 leden tellende Snorrenclub Antwerpen. Hij werd in 1979 door hen tot eerste “Snor van het Jaar” uitgeroepen. (Diverse bronnen, Wikipedia en (De Post 20 juni 1971)

50 jaar gelede, te gast bij de Vlaamse musicus en beiaardier in Antwerpen (De Post 20 juni 1971)
50 jaar gelede, te gast bij de Vlaamse musicus en beiaardier in Antwerpen (De Post 20 juni 1971)
50 jaar gelede, te gast bij de Vlaamse musicus en beiaardier in Antwerpen (De Post 20 juni 1971)
50 jaar gelede, te gast bij de Vlaamse musicus en beiaardier in Antwerpen (De Post 20 juni 1971)

Deze week 50 jaar geleden, te gast bij Deszö en zijn vijfjarige zoon Eric Vasarhelyi in Brussel.

Deszö Vasarhelyi werd in 1936 geboren in Pècs (Hongarije), een stad op 200 km ten zuiden van Budapest.  

Hij studeerde er piano en muziektheorie aan het Conservatorium.

Eind 1956 verliet hij zijn geboorteland om zich in België te vestigen.In het Conservatorium van Brussel behaalde hij er de eerste prijs.

Sindsdien wijdde hij zich aan het muziekonderwijs.

Eric Vasarhelyi , zijn zoon, werd geboren op 1 mei 1964.

Dankzij het muziekonderwijs van zijn vader behaalde hij briljante resultaten.  

In 1969 won hij op vijfjarige leeftijd een wedstrijd voor jong talent, georganiseerd door de RTBF en dit ondanks veel oudere concurrenten.

Op de Nationale Güntherwedstrijd werd hij finalist en behaalde hij er het diploma met de grootste onderscheiding.

Eind 1969 kwam zijn eerste single uit met werken van Czerny, Mozart en Bach.

In 1970 gaf hij zijn eerste publieke recital in het Paleis van Schone Kunsten in Brussel, gevolgd door twee recitals in Keulen.

Hij werd uitgenodigd door de “West-Deutsche Rundfunk” en in oktober van hetzelfde jaar trad hij op als solist tijdens drie concerten met orkest in Brussel en Antwerpen.

Het werk dat hij interpreteerde, werd voor hem geschreven: “Suite pour Eric”.Ieder jaar stelde Deszö Vasarhelyi een groot aantal van zijn leerlingen voor aan het publiek in het Paleis van Schone Kunsten in Brussel.

Na tien jaar onderwijs en ervaring stelde hij een nieuwe en onuitgegeven pianomethode op peil.

Een methode die zich in het bijzonder richt op jongeren vanaf 5 jaar.

Het hoofddoel van deze Methode bestond en bestaat eruit om zo vlug mogelijk, maar op een soepele en gedoseerde wijze, de artistieke intelligentie en gevoeligheid van het kind te ontwikkelen.

De meester creëerde kleine muziekstukjes gebaseerd op melodie en ritme, maar gecomponeerd op zulke aantrekkelijke wijze dat ze de smaak voor goede muziek aanwakkeren.

Deszö Vasarhelyi verongelukte op tragische wijze op 27 april 1996 te Dunaföldvar waardoor Eric besloot het werk van zijn vader voort te zetten.

Tot op de dag van vandaag engageert Eric zich ten volle om iedereen te laten genieten van deze unieke methode, onderwezen in de geest van zijn vader. (Diverse bronnen, Webpagina Vasarhelyi en De Post van 8 november 1970)

Deze week 50 jaar geleden, te gast bij Deszö en zijn vijfjarige zoon Eric Vasarhelyi in Brussel.
Deze week 50 jaar geleden, te gast bij Deszö en zijn vijfjarige zoon Eric Vasarhelyi in Brussel.2
Deze week 50 jaar geleden, te gast bij Deszö en zijn vijfjarige zoon Eric Vasarhelyi in Brussel.2
Deze week 50 jaar geleden, te gast bij Deszö en zijn vijfjarige zoon Eric Vasarhelyi in Brussel.2
Deze week 50 jaar geleden, te gast bij Deszö en zijn vijfjarige zoon Eric Vasarhelyi in Brussel.2

Luciano Pavarotti zou vandaag 85 jaar geworden zijn.

Zijn laatste optreden dateert van 2006, op de openingsceremonie van de Olympische Winterspelen in Turijn.

Volgens kwatongen zou hij daar geplaybackt hebben.

Een jaar later, op 6 september 2007 overleed hij aan pancreaskanker.

Luciano Pavarotti werd 71 jaar.

Tegen de avond werd het lichaam van de zanger overgebracht naar de kathedraal van Modena, waar hij werd opgebaard om het publiek in de gelegenheid te stellen voor een laatste afscheid voorafgaand aan zijn begrafenis op zaterdagmiddag 8 september 2007.

De plechtige uitvaartmis, in aanwezigheid van de Italiaanse premier Romano Prodi, werd geleid door kardinaal Tarcisio Bertone, staatssecretaris van het Vaticaan, en rechtstreeks uitgezonden door zowel de Italiaanse televisie als CNN.

De blinde Italiaanse tenor Andrea Bocelli zong Mozarts Ave Verum Corpus en er werd een video vertoond van het Panis angelicus (Brood der engelen), door Pavarotti zelf, samen met zijn vader Fernando, in 1978 in dezelfde kathedraal gezongen.

Pavarotti’s familie had eigenlijk liever een besloten ceremonie gehad, maar door de aanwezigheid van duizenden bewonderaars, politici, beroemdheden als de tenoren Plácido Domingo en José Carreras, U2-zanger Bono, voormalig VN-secretaris-generaal Kofi Annan en talrijke televisiecamera’s had het gebeuren uiteindelijk meer weg van een staatsbegrafenis.

Het stuntteam Frecce Tricolori van de Italiaanse luchtmacht schreef de groen-wit-rode Italiaanse vlag tegen de hemel bij het overvliegen van de kathedraal.

De zanger werd in besloten kring begraven in de onmiddellijke nabijheid van eerder overleden familieleden, onder wie zijn ouders en zijn doodgeboren zoontje Ricardo, op een kerkhof dicht bij zijn huis in Modena.

In oktober 2007 werd het operahuis in zijn stad Modena omgedoopt tot Teatro Comunale Luciano Pavarotti.

Op 1 Juli 2008 wordt bekend gemaakt dat Nicoletta Mantovani (de tweede vrouw van Luciano Pavarotti) en zijn drie dochters uit zijn eerste huwelijk het eens zijn geworden over de erfenis van de tenor

Er was onenigheid tussen de vrouwen ontstaan omdat de overleden zanger twee testamenten zou hebben nagelaten.

Pavarotti, wiens vermogen op 30 miljoen euro wordt geschat, zou in het ene testament zijn vermogen hebben verdeeld tussen zijn vrouw, met wie hij vijf jaar geleden een dochtertje kreeg, en zijn volwassen dochters.

Volgens het andere testament zouden zijn volwassen kinderen niets krijgen.

Op 20 oktober 2007 berichtte de Italiaanse krant La Repubblica dat Pavarotti voor 18 miljoen euro aan schulden had achtergelaten.

Daartegenover staan mogelijk ongeveer 20 miljoen aan royalty’s.

Details over de overeenkomst tussen de dan 38-jarige Mantovani en haar stiefdochters worden niet bekendgemaakt.

De drie dochters Lorenza, Cristina en Giuliana worden geboren uit het eerste huwelijk van Pavarotti met Adua Veroni.

In 2003 trouwt hij met Mantovani, die dan al tien jaar zijn assistente is.

In Januari 2003 wordt hun dochtertje Alice geboren.(Diverse bronnen en Wikipedia)

Luciano Pavarotti zou vandaag 85 jaar geworden zijn.

60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent en muziekpedagoog Arthur Meulemans.

Arthur Meulemans werd geboren op 19 mei 1884.

Vader was meester-kleermaker, maar de muziek stond hoog in aanzien bij het gezin.

Ook Arthurs jongere broer Herman zou trouwens musicus worden.

Zelf kreeg hij zijn opleiding aan het Lemmensinstituut te Mechelen bij Alois Desmet (harmonie) en Oscar Depuydt (orgel).

Maar vooral werd hij gekneed door de directeur, Edgar Tinel, wiens lievelingsleerling hij was.

Later zou hij herinneringen, waaronder menig plezierig detail, over deze strenge leermeester neerschrijven.

Zo schitterend was het eindexamen dat Meulemans in 1906 aflegde dat hij onmiddellijk door Tinel als harmonieleraar aan de instelling verbonden werd.

Componeren deed hij al van in 1902.

In 1911 trouwde hij met Aline Seelinger en verhuisde naar Tongeren.

In 1930 benoemd tot dirigent van het radio-orkest te Brussel.

In 1935 moest hij het voor de benoeming van vast dirigent afleggen tegen Franz André.

Door luid protest in het Vlaamse land kon hij niettemin als directeur van de auditiediensten bij de radio verbonden blijven en er ook nog geregeld dirigeren.

In 1940 bleef hij op post bij het uitbreken van de Wereldoorlog, maar in 1942 nam hij ontslag na onenigheid met de bezetter.

Vanaf die datum moest hij van zijn pen leven, een weinig benijdenswaardig lot in dit land.

Het schijnt nochtans zijn werklust nog aangescherpt te hebben, en tijdens de laatste twintig jaar van zijn leven grensde zijn productiviteit haast aan het ongelooflijke.

Talrijke prijzen en onderscheidingen vielen Meulemans ten deel.

Vanaf 1942 was hij lid van de Koninklijke Vlaamse Academie.

In 1956 mocht hij het genoegen smaken de oprichting te beleven van een ‘Arthur Meulemans Fonds’.

Deze vereniging heeft zich onder de onverpoosde stuwing van haar secretaris, Meulemans’ vriend E. H. Jan Van Mechelen, ingezet om zijn werk te verspreiden.

Meulemans schreef onder meer vijftien symfonieën, drie opera’s, soloconcerti voor allerhande instrumenten, vijf strijkkwartetten, liederen, oratoria en koorwerken.

Arthur Meulemans overleed in zijn woning te Etterbeek op 29 juni 1966.(Diverse bronnen, Luc Leytens en Wikipedia)

60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent en muziekpedagoog Arthur Meulemans.
60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent en muziekpedagoog Arthur Meulemans.
60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent en muziekpedagoog Arthur Meulemans.
60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent en muziekpedagoog Arthur Meulemans.

30 jaar geleden te gast bij de Gentse opera-intendant Gerard Mortier.

Mortier was de zoon van een bakker uit het Gentse Muidekwartier.


Hij doorliep de middelbare school aan het Sint-Barbaracollege in Gent, waarna hij het diploma van doctor in de rechten en een licentiaat in de Communicatiewetenschappen behaalde aan de Rijksuniversiteit Gent.


Op 25 augustus 1970 publiceerde hij zijn aanklacht tegen het Gentse operabeleid “De koninklijke Opera van Gent: Een Vlaams Kultuurschandaal!” in het blad Jeugd-Opera.


Daarin pakte hij de directeur van de opera en het stadsbestuur zwaar aan. Hij bepleitte de oprichting van een “Opera van Vlaanderen”.
Mortier werd bekend als opera-intendant bij De Munt in Brussel (1981-1991.


Hij werkte verder ook als directeur van de Salzburger Festspiele (1992-2001 en in de Opéra National de Paris (2004-2008).


Tijdens zijn loopbaan kreeg Mortier tal van eerbewijzen, onder andere een eredoctoraat van de universiteiten van Antwerpen en Salzburg, en in februari 2005 de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Algemene Culturele Verdienste 2004 voor zijn hele oeuvre.


Daarnaast was hij ook lid van de Akademie der Künste in Berlijn.
Hij werd in 2007 in de adelstand verheven met de titel van baron.


In 2009 zou Mortier beginnen als intendant bij de New York City Opera.


Toen het jaar voordien echter bleek dat Mortier niet de middelen ter beschikking zou krijgen die hem waren beloofd, bedankte hij voor de job.


Zijn laatste opdracht volbracht hij vanaf 2010 als intendant bij het Teatro Real in Madrid.


Hij werd daar, ondanks een contract tot 2016, in 2013 ontslagen. Uiteindelijk mocht hij nog een jaar aanblijven als adviseur.


In het voorjaar van 2013 werd bij Mortier tijdens een routinecontrole pancreaskanker vastgesteld.

‘In één dag veranderde mijn leven’, zei hij daarover eind vorig jaar in een interview in De Standaard. ‘Ik deel mijn ervaringen, zonder ze op te dringen.


Wat je nog mee te delen hebt als het einde in zicht is: het is een vraag waar je automatisch bij uitkomt.’


Gerard Mortier is 70 jaar geworden.

30 jaar geleden te gast bij de Gentse opera-intendant Gerard Mortier.
30 jaar geleden te gast bij de Gentse opera-intendant Gerard Mortier.
30 jaar geleden te gast bij de Gentse opera-intendant Gerard Mortier.
30 jaar geleden te gast bij de Gentse opera-intendant Gerard Mortier.

60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent, muziekpedagoog en organist Renaat Veremans

Met het patriottisch lied Vlaanderen werd hij in 1910 als componist beroemd. Maar hij schreef muziek voor vele genres, bijvoorbeeld opera’s, operettes, cantates, film- en toneelmuziek.

Rustig leeft hij, als een waar zoon van zijn volk. In een zetel met een goed boek of voorlezend aan kleinzoon Michel. (geschreven door zijn vriend Felix Timmermans)

60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent, muziekpedagoog en organist Renaat Veremans
60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent, muziekpedagoog en organist Renaat Veremans
60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent, muziekpedagoog en organist Renaat Veremans
60 jaar geleden, te gast bij de Vlaamse componist, dirigent, muziekpedagoog en organist Renaat Veremans

De beroemde Italiaanse operazangeres Renata Tebaldi (juni 1960)

De sopraan Tebaldi was een van de grote naoorlogse diva’s.

Ze werd bewonderd vanwege de schoonheid en de puurheid van haar stem en haar elegante podiumverschijning.

Op haar derde kreeg Tebaldi polio.

Deelnemen aan uitputtende activiteiten was niet mogelijk en ze ontwikkelde een interesse in muziek.

In haar vroege tienerjaren begon Tebaldi aan een studie aan het conservatorium van Parma. Op haar 22e maakte zij haar debuut.

Haar grote doorbraak kwam in 1946 toen ze in Milaan auditie deed voor Arturo Toscanini.

In 1963 verscheen Renata Tebaldials herboren na een ingrijpende vermageringskuur.

Blozend van vreugde trok zij naar recepties en modeshows.

Maar haar eerstvolgende optreden als zangeres in New York was een ramp.

Want samen met het vet, was ook haar stem verdwenen.

Voor het jaar 1963 werden dan ook al haar contracten afgezegd.

Daardoor kreeg ze terug de tijd om te verdikken en zodoende haar stem terug te vinden.

Tebaldi trok zich terug van het toneel in 1973 en van het concertpodium in 1976.

Gehuwd is ze nooit geweest, en de schandaalpers haalde ze alleen als haar grote rivale, de Grieks-Amerikaanse diva Maria Callas, weer eens meende allerlei uitspraken over haar te moeten doen.

Tebaldi behield in deze tweestrijd altijd haar waardigheid.

Ze stierf op 19 december 2004.

Op 7 juni 2014 werd in het Noord-Italiaanse stadje Busseto het “Museo Renata Tebaldi” geopend.(Diverse bronnen en Wikipedia)

De beroemde Italiaanse operazangeres Renata Tebaldi (juni 1960)
De beroemde Italiaanse operazangeres Renata Tebaldi (juni 1960)

60 jaar geleden, de Amerikaans pianist Malcolm Frager winnaar van het Koningin Elisabethwedstrijd

60 jaar geleden, de Amerikaans pianist Malcolm Frager winnaar van het Koningin Elisabethwedstrijd
60 jaar geleden, de Amerikaans pianist Malcolm Frager winnaar van het Koningin Elisabethwedstrijd
60 jaar geleden, de Amerikaans pianist Malcolm Frager winnaar van het Koningin Elisabethwedstrijd
60 jaar geleden, de Amerikaans pianist Malcolm Frager winnaar van het Koningin Elisabethwedstrijd
60 jaar geleden, de Amerikaans pianist Malcolm Frager winnaar van het Koningin Elisabethwedstrijd

70 jaar geleden op bezoek bij de Franse componist Gustave Charpentier in Parijs.

Op 2 februari 1900 ging zijn opera Louise in première.

Als zoon van een arme bakker kon Charpentier alleen met ondersteuning van de gemeente muziekstudies volgen.

Aan het Parijse conservatorium studeerde hij onder anderen bij Jules Massenet.(Frans componist en muziekpedagoog. Massenet was de productiefste en artistiek zowel als commercieel succesrijkste Franse operacomponist tussen 1870/71 en de Eerste Wereldoorlog, de belle époque van de Derde Franse Republiek)

Zijn carrière begon hij met orkestwerken.

In 1887 won hij de Prijs van Rome met zijn cantate-scène lyrique Didon.

Op 2 februari 1900 ging zijn opera Louise in première.

Deze opera was toen een groot succes en dit zowel in Frankrijk als de rest van de wereld.

Het vervolg hierop, Julien, ou La vie du poète (1913), kon dit succes niet evenaren.

Na deze opera’s componeerde hij nog maar weinig.

Hij ging zich met liefdadigheid bezighouden.

Zo was hij de oprichter van het volks-conservatorium Mimi Pinson. (Mimi Pinson was de heldin uit de roman Scènes de la bohème van Henri Murger en heldin in de opera’s van Giacomo Puccini en Ruggiero Leoncavallo.

Hij stierf op 18 februari 1956 en dit op de leeftijd van zesennegentig jaar. (Diverse bronnen, Wikipedia en De Post 12 maart 1950

70 jaar geleden op bezoek bij de Franse componist Gustave Charpentier in Parijs.
70 jaar geleden op bezoek bij de Franse componist Gustave Charpentier in Parijs.
70 jaar geleden op bezoek bij de Franse componist Gustave Charpentier in Parijs.
70 jaar geleden op bezoek bij de Franse componist Gustave Charpentier in Parijs.

Vandaag 125 jaar geleden, wordt de Amerikaanse ingenieur Laurens Hammond geboren.

Na zijn afstuderen ging hij werken voor de McCord Radiator Company in Detroit Michigan, maar zijn carrière werd daar onderbroken door de Eerste Wereldoorlog.

Na te zijn tewerkgesteld in het Amerikaanse leger in Frankrijk bedacht Laurens een geluidsarme klok door de motor in te kapselen in een geluidsdichte kast.

Laurens Hammond was naast een goed technicus ook een briljant zakenman.

Hij dacht dat het mogelijk moest zijn om de dure en onderhouds intensieve pijporgels te vervangen door een goedkopere elektrische equivalent en dat daar een enorme markt voor moest zijn.

Hij kocht een oude piano, gooide alles weg behalve het toetsenbord en begon te experimenteren met allerlei schakelingen en kwam uiteindelijk uit op een zogeheten toonwielorgel.

In 1934 krijgt de Amerikaanse uitvinder Laurens Hammond patent op het toonwielorgel dat later door het leven zal gaan onder de naam Hammondorgel.

In 1935 koopt auto-industrieel Henry Ford het eerste toonwielorgel van Hammond, er zullen er in de halve eeuw die volgt nog ongeveer een miljoen verkocht worden.

In 1949 komt zijn populaire M3-orgel in productie. Het Hammondorgel wordt populair als huisorgel, maar wordt ook gebruikt in kerken en volop omarmd door pop- en jazzmuzikanten.

Veel artiesten, waaronder Procol Harum, Keith Emerson, Led Zeppelin, The Allman Brothers en The Faces maken vaak gebruik van de Hammond sound. Laurens Hammond gaf zijn baan als voorzitter van zijn bedrijf op in 1955.

Dit gaf hem meer tijd om nieuwe ideeën te ontwikkelen en onderzoeken. Op 12 februari 1960, toen hij 65 jaar was, ging hij volledig met pensioen.

Op dat moment had hij al 90 patenten. In de periode tussen zijn pensioen en zijn dood zouden er nog 20 patenten bijkomen.

Toen Laurens Hammond overleed, waren er meer dan eenendertig fabrikanten van elektrische of elektronische orgels.

Dit aantal zou nog stijgen door de grote vraag naar orgels eind jaren 1970.

Laurens Hammond overlijdt op 3 juli 1973.(Diverse bronnen, Hammond orgel club Nederland en Wikipedia)

In 1935 koopt auto-industrieel Henry Ford het eerste toonwielorgel van Hammond, er zullen er in de halve eeuw die volgt nog ongeveer een miljoen verkocht worden.
Laurens Hammond
Laurens Hammond
Laurens Hammond

Vandaag 60 jaar geleden, première van de eerste blues-opera Free and Easy in Brussel.

De muziek was geschreven door Harold Arlen en de tekst was van Johnny Mercier.

Het verhaal is afkomstig van de Amerikaanse schrijver Arna Bontemps en terug te vinden in zijn boek God Sends Sunday.

De regie was in handen van Robert Breen en de producent was Stanley Chase.

Bijna de ganse cast was drie jaar daarvoor ook al te zien in de productie Porgy and Bess.

Met in de hoofdrol Martha Flowers , Irene Williams, James Randolph, Walter Brown en de jonge Patti Austin.(was toen negen jaar en die in 1982 een wereldhit had met het nummer Baby, Come to Me)

De Wereldpremière was een week eerder op 1 december in Amsterdam.

Toch de repetities en de voorbereidingen gebeurde in Brussel.

Irene Williams
Harold Nicholas, Moses Lemarr en de negenjarige Patti Austin
Patti Austin en haar mama
Harold Nicholas, Moses Lemarr en de negenjarige Patti Austin
Martha Flowers en Harold Nicholas tijdens een intiem moment

Vandaag 205 jaar geleden, de geboorte van de Belgische instrumentenbouwer Adolphe Sax.

Adolphe Sax wordt op 6 november 1814 geboren in Dinant in Wallonië.

Zijn vader, Charles-Joseph Sax, is instrumentenbouwer die bekend wordt vanwege enkele belangrijke veranderingen die hij aanbrengt aan de hoorn.

Lerend van zijn vader die de baas is van een blaasinstrumentenfabriek in Brussel, begint Adolphe Sax al op jonge leeftijd met het bouwen van instrumenten.


Hij doet op 15-jarige leeftijd bijvoorbeeld mee aan een wedstrijd waarbij hij een fluit en een klarinet bouwt.


Sax volgt onder meer onderwijs aan de koninklijke zangacademie in Brussel.


Na zijn schooltijd begint Sax te experimenteren met het bouwen van nieuwe ontwerpen voor instrumenten.


Zijn eerste belangrijke uitvinding is een verbetering van het ontwerp van de basklarinet.
Op zijn twintigste ontvangt Adolphe Sax patent op deze uitvinding.


In 1842 vertrok hij naar Parijs, op verzoek van luitenant-generaal graaf De Rumigny.
Deze zag in Sax de geschikte persoon om de Franse militaire muziekkapellen van betere instrumenten te voorzien.


In 1843 opende Sax in Parijs, in een oude schuur, zijn eerste instrumentenfabriek: “Adolphe Sax & Cie”.


Zijn productie was op industriële leest geschoeid en op het hoogtepunt van zijn activiteit had hij 200 arbeiders in dienst.


Al een jaar later toonde hij een groot aantal vormgegeven en opzienbarende muziekinstrumenten op een grote Industriële Expositie in Parijs.


Enkele ministeriële decreten bezorgden hem achtereenvolgens een monopolie als leverancier van saxofoons aan de Franse militairen.


In 1848, na de Franse omwenteling, werd het decreet dat zijn saxhoorns van een vaste plaats in de militaire bands verzekerde, ingetrokken.


Onder andere als gevolg van dit alles ging zijn bedrijf in 1852 voor de eerste maal failliet.

In 1853, na de dood van zeven van zijn kinderen, en als gevolg van financiële problemen, voegde Sax senior zich bij zijn zoon in Parijs.


Ook Sax’ jongere broer had zich al wat eerder als medewerker bij hem gevoegd.

Gelukkig voor hem werd in 1854 onder Napoleon III het decreet opnieuw ingevoerd en ook dankzij de steun van de keizer zelf, kon Sax zijn bedrijf weer verder opbouwen.

In 1858 werd Adolphe Sax op welhaast miraculeuze wijze genezen van kanker, dankzij een zwarte dokter die Indische planten gebruikte.


Tijdens de Frans-Duitse oorlog stortte de productie weer in, deze keer voorgoed.
Hierbij werd Sax’ persoonlijke instrumentenverzameling, bestaande uit 467 stukken, zelfs openbaar verkocht.


Daardoor kwamen zijn enige inkomsten alleen nog uit zijn functie als muzikaal directeur van de Opera, ook omdat inmiddels veel van zijn patenten waren verlopen.


Sax overleed begin 1894 op 79-jarige leeftijd in Parijs en wordt begraven op de begraafplaats van Montmartre.


Hij was nooit bijzonder rijk geworden.


Door de aanhoudende processen liet hij zelfs een berg schulden na, maar hij kreeg wel de erkenning die hem toekwam.


Adolph Sax was onder meer bij ons te zien op het oude bankbiljet van 200 frank en in zijn geboorteplaats Dinant is een beeld van de instrumentenbouwer te vinden.(Diverse bronnen, Historiek en Wikipedia)