De Franse actrice Macha Méril mag vandaag 80 kaarsjes uitblazen.

Méril stamt van haar vaders kant af van het Russische prinselijke huis Gagarin en van haar moeders kant uit een Oekraïense adellijke familie.

Ze verscheen in 125 films tussen 1959 en 2012, waaronder films geregisseerd door Jean-Luc Godard (A Married Woman / Une femme mariée), Luis Buñuel (Belle de jour) en Rainer Werner Fassbinder (Chinese Roulette).

Ze verscheen ook in de Canadese televisieserie Lance et Compte uit Quebec.

Ze trouwde in 1969 met de Italiaanse regisseur Gian Vittorio Baldi.

Het huwelijk eindigde in 1978.

Ze is wellicht het best bekend om haar rollen als medium Helga Ulmann in Deep Red van Dario Argento en als een sadistische rijke dame in Night Train Murders (1975) van Aldo Lado.

In 2014 trouwde ze met de Franse componist Michel Legrand. (Divers bronnen, Wikipedia en foto 1 en 3 uit de Franse film La Main Chaude (1960) en dit samen met Jacques Charrier, foto 4 samen met haar zus Hélène in hun flat in Parijs

60 jaar geleden, in de Paris Match van juni 1960 staat een foto van prinses Mona El-Solh en toen echtgenote van Talal bin Abdulaziz Al Saud.

Door opzoekingen kwam ik te weten dat ze de dochter was Riad Al Solh.
Solh was tweemaal premier van Libanon.


Zijn eerste termijn was net na de onafhankelijkheid van Libanon (25 september 1943 – 10 januari 1945) en van 14 december 1946 tot 14 februari 1951.


Hij bekeerde zich in het geheim tot de sjiitische islam, omdat, in vergelijking met de soennitische islam, de erfrechtwetten ervan hielden dat zijn dochters, zijn enige kinderen, een groter deel van zijn rijkdom konden erven.


Op 17 juli 1951 werd hij vermoord door leden van de Syrian Social Nationalist Party.
Al Solh was getrouwd met Fayza Al Jabiri, de zus van tweevoudig premier van Syrië, Saadallah al-Jabiri.
Ze kregen vijf dochters en een zoon, Reda, die op jonge leeftijd stierf.


Zijn oudste dochter, Aliya (1935–2007), zette haar vaders pad voort in de strijd voor een vrij en veilig Libanon.

Aliya propageerde het rijke culturele erfgoed van Libanon in het buitenland tot aan haar dood in Parijs.


Lamia Al Solh (geboren in 1937) is getrouwd met wijlen prins Moulay Abdallah van Marokko, de oom van koning Mohammed VI. Haar kinderen zijn Moulay Hicham, Moulay Ismail en een dochter Lalla Zineb.


Bahija Al Solh Assad is getrouwd met Said Al Assad, de voormalige Libanese ambassadeur in Zwitserland en een voormalig parlementslid. Ze hebben twee zonen en twee dochters.


Zijn jongste dochter, Leila Al Solh Hamade, werd aangesteld als een van de eerste twee vrouwelijke ministers in de regering van Omar Karami.


En dan nu over de vrouw op foto, zijn andere dochter Mona Al Solh die was getrouwd met de Saoedische prins Talal bin Abdulaziz.

Talal bin Abdulaziz was de broer van koning Salman en werd ook wel de ’rode prins’ genoemd en dit voor zijn liberale standpunten.


Hij was onder andere minister van Communicatie en van Financiën en Economie.
Hij leefde in de jaren zestig enige tijd in ballingschap nadat hij openlijk kritiek had geuit op het bewind in Saudi-Arabië.


Ze kregen drie kinderen:
Prinse Al Waleed bin Talal (Al-Waleed was de grootste individuele aandeelhouder van Citigroup, de op één na grootste stemgerechtigde aandeelhouder in 21st Century Fox en is eigenaar van het Hotel George V in Parijs.
Time, noemde hem de “Arabian Warren Buffett”.
In november 2017 noemde Forbes Al-Waleed de 7e rijkste man ter wereld, met een nettowaarde van $ 39,8 miljard.).


Enkele dagen na het verschijnen van dit artikel, werden hij en andere prominente Saoedi’s (waaronder mede-miljardairs Waleed bin Ibrahim, Al Ibrahim en Saleh Abdullah Kamel) gearresteerd in Saoedi-Arabië.

Dit als teken van de Saoedische regering om een einde te maken aan de corruptie. Volgens andere een zuivering binnen de koninklijke familie.


Al-Waleed werd op 27 januari 2018 vrijgelaten uit de gevangenis, na een soort financiële regeling, na bijna drie maanden in detentie.

In maart 2018 werd hij van de lijst van miljardairs ter wereld geschrapt vanwege een gebrek aan actuele informatie.


Prinse Khalid bin Talal werd in december 2017 gearresteerd, omdat hij zich verzette tegen het besluit van de regering om de arrestatiebevoegdheid van de islamitische religieuze politie te verwijderen.


Na bijna een jaar, in november 2018, werd hij vrijgelaten uit de gevangenis.


Naar verluidt werd hij vier dagen na de dood van zijn vader eind december 2018 opnieuw gearresteerd.


Van zijn dochter Princess Reema kan ik niets terug vinden.


Het huwelijk tussen Talal bin Abdulaziz en Mona Al Solh eindigde in 1968.

Hoe het dan verder ging met Mona Al Solh, kan ik helaas ook niet vertellen.
Betreft haar man, de Saoedische prins Talal bin Abdulaziz.


Hij trouwde nog twee keer en had uiteindelijk vijftien kinderen, negen zonen en zes dochters.


Zijn zonen zijn Faisal (overleden 1991), Al Waleed, Khaled, Turki, Abdulaziz, Abdul Rahman, Mansour, Mohammed en Mashour.

Zijn dochters zijn Reema, Sara, Noura, Al Joharah, Hibatallah en Maha.


Zijn dochter Sara heeft op 7 juli 2012 politiek asiel aangevraagd in het Verenigd Koninkrijk vanwege de angst voor haar veiligheid in Saoedi-Arabië.

Prins Talal bin Abdul Aziz Al Saud stierf op 22 december 2018.

prinses Mona El-Solh

60 jaar geleden, te gast bij de Franse schilder Jacques Villon (april 1960)

Duchamp was de oudste uit een kunstenaarsgezin van zes kinderen, waaronder zijn broers Raymond Duchamp-Villon, beeldhouwer, Marcel Duchamp, schilder, en zijn zus Suzanne Duchamp, schilderes.

In 1894 nam Gaston als pseudoniem de naam over van zijn geliefde dichter. Hij liet zich voortaan Jacques Villon noemen.

Hij gaf heel jong zijn studies in de rechten op, om de artistieke weg op te gaan.

Hij kreeg een eerste tekenopleiding in Montmartre, in het atelier van Fernand Cormon, waar hij Henri Toulouse-Lautrec ontmoette.

Invloeden van deze, van Théophile Steinlen, van Jean-Louis Forain of van de Nabis ontgingen Villon niet.

In 1906 vestigde hij zich in Puteaux en waagde hij zich aan een voorzichtig cézanniaans kubisme.

In het atelier van Puteaux ontpopte Villon zich vanaf 1911 als de voortrekker van de Section d’or-groep, met zijn broers, met Albert Gleizes, met František Kupka, met Albert Metzinger, met Francis Picabia en met Fernand Léger.

Binnen deze Puteaux-groep vierde een synthetisch kubisme hoogtij.

In 1912 werden al zijn ingebrachte doeken verkocht aan het Amerikaanse publiek op de Armory Show.

In 1956 kreeg hij de opdracht tot het uitwerken van de kartons voor 5 glasramen in de Sacré-Coeur-kapel van de kathedraal te Metz.

Villon noemde zichzelf Cubiste impressionniste (impressionistisch kubist).

Hij overleed op 87-jarige leeftijd.(Wikipedia en foto’s Paris Match 2 april 1960)

60 jaar geleden, te gast bij de Franse schilder Jacques Villon (April 1960)
60 jaar geleden, te gast bij de Franse schilder Jacques Villon (April 1960)
60 jaar geleden, te gast bij de Franse schilder Jacques Villon (April 1960)
60 jaar geleden, te gast bij de Franse schilder Jacques Villon (April 1960)