Juliette Gréco,”la grande dame noire” van het Franse chanson is vandaag overleden.

De vader van Juliette Gréco was van Corsicaanse afkomst, haar moeder zat in het verzet en betrok daar haar dochter bij.

De Gestapo zette het 15-jarige meisje een paar maanden achter de tralies.

Meteen na de Tweede Wereldoorlog ontdekte Juliette Gréco Parijs.

Ze begon te acteren en bracht poëzie op de radio.

Geleidelijk schakelde ze over naar cabaret, met een tournee naar de Verenigde Staten en Brazilië, en film.

Ze speelde de hoofdrol in “Orphée” van Jean Cocteau, “The Roots of Heaven” van John Huston en Jacques Brels “Le Far West”.

Een tijdlang was ze de geliefde van producer Darryl F. Zanuck, van auteur Albert Camus en jazzreus Miles Davis.

Niemand minder dan filosoof Jean-Paul Sartre gaf haar de raad om te zingen.

In 1954 stond ze op het podium van L’Olympia in Parijs, het mekka van het Franse chanson.

Ze was helemaal in het zwart gekleed en die outfit hield ze haar hele leven aan. Dat ging goed samen met haar ingetogen, sobere podiumstijl.

Ze schreef geen eigen chansons, maar maakte zich de teksten van anderen, zoals Boris Vian, Charles Aznavour of Charles Trenet, heel eigen.

Haar bekendste nummers zijn onder meer “Si tu t’imagines”, “Rues des Blancs-Manteaux”, “Trois petites notes de musique” en vooral dit gewaagde “Déshabillez-moi”

Juliette Gréco ontdekte en motiveerde in de vroege jaren 60 zelf enkele groten van het Franse chanson, onder meer Serge Gainsbourg, Guy Béart en Leo Ferré.

Ze trouwde drie keer, een van haar echtgenoten was ster-acteur Michel Piccoli van 1967 tot 1977.

“Juliette Gréco is ontslapen, omringd door haar dierbaren in haar zo geliefde woning in Ramatuelle.

Ze heeft een buitengewoon leven geleid.” Zo maakte de familie van Gréco haar overlijden bekend. Ramatuelle ligt in het zuiden van Frankrijk, niet ver van Saint-Tropez.

Ze laat een dochter na, Laurence-Marie. (Lucas Vanclooster)

Juliette Gréco (oktober 1964)
Juliette Greco ( juni 1959)
Juliette Gréco (september 1960)

60 jaar geleden, te gast bij de Engelse Hoffotograaf Cecil Beaton.

Beaton hield gedurende zijn hele leven een dagboek bij, waarin hij ongezouten kritiek gaf op de beroemdheden die hij fotografeerde.

Een deel van deze dagboeken werd al tijdens zijn leven gepubliceerd.

Na zijn dood verscheen een uitgebreidere versie met fragmenten die hij in eerste instantie had weggelaten.

Hij studeerde korte tijd architectuur en kunst aan de Universiteit van Cambridge, maar was toen al meer geïnteresseerd in fotografie. Hij verliet de universiteit in 1925 en kwam in Londen in contact met ‘de ‘Bright Young People’, een groep jonge mensen uit de sociale toplaag die in het interbellum opvielen door hun onconventionele en uitbundige levensstijl.

Schrijvers Evelyn Waugh en Nancy Mitford, en dichter John Betjeman behoorden ook tot deze groep.


Beaton wist als beginnend fotograaf naam te maken met portretten van vrouwen uit de hogere sociale klassen, zoals de invloedrijke Edith Sitwell.

Eind jaren twintig trad hij als vaste fotograaf in dienst bij de tijdschriften Vanity Fair en Vogue. Hij bezocht Hollywood waar hij de belangrijkste filmsterren van die tijd fotografeerde, en Parijs waar hij bevriend raakte met Picasso en Jean Cocteau.

In 1937 maakte Beaton de trouwfoto’s van de hertog van Windsor, de voormalige koning Edward VIII, en Wallis Simpson. In de jaren daarna zou hij regelmatig leden van de Britse koninklijke familie blijven fotograferen.


Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij als officiële oorlogsfotograaf in dienst van het Britse Ministerie van Informatie.

Hij werkte in Groot-Brittannië, het Midden-Oosten en Azië.

Een foto die hij in een Londens ziekenhuis maakte van een klein meisje dat bij een bombardement gewond was geraakt, en zijn geïdealiseerde, bijna sprookjesachtige foto’s van koningin Elizabeth (de latere koningin-moeder) werden door het ministerie gebruikt om in de Verenigde Staten de publieke opinie over de oorlog te beïnvloeden.


Na de oorlog hervatte hij zijn werk als portretfotograaf; hij maakte onder andere de officiële foto’s van koningin Elizabeth II na haar kroning in 1953.

Tot in de jaren zeventig verschenen grote namen uit film, kunst, sport en muziek voor zijn camera. Ook hield hij zich met succes bezig met het ontwerpen van kostuums en decors voor theater en film.

In 1972 werd hij door koningin Elizabeth II geridderd en was daarna officieel sir Cecil Beaton, CBE.

Twee jaar later werd hij getroffen door een beroerte waardoor hij deels verlamd raakte; ondanks deze beperking bleef hij actief als fotograaf.

Hij stierf in januari 1980, kort na zijn 76e verjaardag.

60 jaar geleden, te gast bij de Engelse Hoffotograaf Cecil Beaton.
60 jaar geleden, te gast bij de Engelse Hoffotograaf Cecil Beaton.
60 jaar geleden, te gast bij de Engelse Hoffotograaf Cecil Beaton.
60 jaar geleden, te gast bij de Engelse Hoffotograaf Cecil Beaton.

60 jaar geleden, te gast bij uitgever Joseph Forest tijdens de aankondiging van het duurste boek ter wereld.

In 1959 ondernam hij een groot project namelijk de realisatie van het boek De apocalyps van Sint-Jan.

Dit uniek boek is het grootste, het zwaarste en het duurste boek ter wereld.

De vraagprijs in 1961 was toen 10 miljoen Belgische franken (250000 euro)

Het boek was op perkament geproduceerd, geïllustreerd met originele werken van Dali, Buffet, Foujita, Fini, Mathieu, Trémois, Zadkine met teksten van Cocteau, Rostand, Daniel-Rops, Guitton, Cioran, Giono en Jünger.

Dit boek reisde tien jaar de wereld rond om te worden gepresenteerd in tentoonstellingen waar het een fenomenaal succes was. (Diverse bronnen, De Post januari 1961 en Wikipedia)

60 jaar geleden, te gast bij uitgever Joseph Forest tijdens de aankondiging van het duurste boek ter wereld.
60 jaar geleden, te gast bij uitgever Joseph Forest tijdens de aankondiging van het duurste boek ter wereld.
60 jaar geleden, te gast bij uitgever Joseph Forest tijdens de aankondiging van het duurste boek ter wereld.
60 jaar geleden, te gast bij uitgever Joseph Forest tijdens de aankondiging van het duurste boek ter wereld.
60 jaar geleden, te gast bij uitgever Joseph Forest tijdens de aankondiging van het duurste boek ter wereld.
60 jaar geleden, te gast bij uitgever Joseph Forest tijdens de aankondiging van het duurste boek ter wereld.