Vandaag 40 jaar geleden, overlijdt de Gentse schilder Camille D’Havé.

Camille D’Havé is geboren in Gent op de eerste mei in 1926.
Hij was een klasgenoot van Raveel en Hugo Claus linkte hem aan Goya en Picasso.

Camille D’havé was in de jaren 1940 lid van de Gentse kunstenaarsgroepering La Relève.

Vijf jaar geleden verscheen het boek Camille D’havé & La Relève van Willem Elias D’havé.
Dit boek toont een zestigtal werken van zijn hand en confronteert die ook met schilderijen van de La Relève-kunstenaars, onder wie Roger Raveel en Jan Burssens.
‘Een verbeeldingsrijke realist’, noemt auteur Willem Elias D’havé – doelend op de vreemde creaturen en fantasietaferelen die zijn werken kenmerken, maar ook op de boodschap over mens en wereld die hij ermee poneerde.


Want dat is het grote thema van de kunstenaar: de mens als een tot falen gedoemd wezen.
Naast de bijdragen van Elias vindt u ook teksten van Pjeroo Roobjee, Roger Marijnissen en Hugo Claus, aangevuld met een aantal interviews, met o.a. Flor Bex.


Camille D’Havé is 54 jaar geworden en ligt begraven op het kerkhof van Sint-Amandsberg.

Vandaag is het ook al 40 jaar geleden dat de Gentse kunstschilder Maurice de Clercq is overleden.

Aan de academie in Gent studeerde hij samen met Roger Raveel, Pierre Vlerick, Antoon de Clercq en Camille D’havé.

Hij kreeg er les van Jos Verdegem.

Het allereenvoudigste voorwerp wordt uit de banaliteit geheven en tot kunstwerk gepromoveerd.

Het spreekt vanzelf dat alleen een echte kunstenaar daarin slaagt.

En Maurice de Clercq behoorde daar ongetwijfeld toe, ook al heeft hij in zijn geboortestad Gent steeds weinig erkenning gekregen.

Zoals voor vele anderen moest die erkenning ook weer uit het buitenland komen.

De voorwerpen die Maurice de Clercq schilderde, zijn op zijn minst op de werkelijke grootte weergegeven.

Soms vergrootte hij ze zelfs om het banale indrukwekkender te maken.

Hij wilde er een blikvanger van maken. Meteen viel ook het perspectief weg, want alles kwam immers op de voorgrond te staan.

Er bestond gewoon geen achtergrond meer. Toch wilde Maurice de Clercq de al te nuchtere werkelijkheid vermijden.

Hij heeft het realisme dan ook steeds een vleugje lyriek geschonken.

Net zoals destijds de Vlaamse expressionisten een heel eigen schilderkunst hebben gevonden, die geënt was op het Duitse expressionisme, heeft ook Maurice de Clercq een Vlaams hyperrealisme gevonden, dat geënt was op het Amerikaanse.

Zo bleef deze Vlaamse hyperrealist in zijn werk steeds nauw betrokken bij de mens, zelfs al werd de mens er niet in uitgebeeld.

Want aan de schijnbaar objectieve uitbeelding van een paar strandstoelen of een gordijn voor een raam gaat steeds een subjectieve keuze van een detail uit een hoeveelheid waargenomen objecten vooraf.

Dit detail is nooit willekeurig gekozen, maar beantwoordt aan de persoonlijke gevoelswereld van de kunstenaar.

Het typisch Vlaamse karakter van Maurice de Clercqs hyperrealisme verklaart ongetwijfeld zijn succes in het buitenland.

De werkelijkheid was voor hem spannender geworden dan de rijkste fantasie.

Een boeiend avontuur werd door de dood plotseling afgebroken.(Diverse bronnen, Willem M. Roggeman en foto’s De Post 6 juli 1980)

Maurice de Clercq