40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.

Het Kasteel Aaishove heeft zijn naam te danken aan de heerlijkheid Aïshof waarvan de zetel in het kasteel gevestigd was.


De heerlijkheid Aïshof strekte zich in de 11e eeuw uit tussen de Schelde- en Leiebekken.
Het kasteel in de Kasteelstraat is dan wel bijna 400 jaar oud, de eerste burcht op deze site was het zeker niet.


Zo zijn in de kelder van het huidige kasteel nog grondvesten traceerbaar van de donjons; omwalde stenen torengebouwen die er voordien hebben gestaan.


In de 13de eeuw stond er een waterburcht met een slotkapel naast.
Deze gebouwen werden echter volledig vernield gedurende de godsdienstonlusten tijdens de 16e eeuw.

Door huwelijksinbreng volgden meerdere adellijke geslachten elkaar in sneltempo op.

Karel de Jauche was echter de eerste kasteelheer die effectief in Kruishoutem kwam wonen.

Hij liet omstreeks 1630 de oude donjons slopen en op de grondvesten ervan het nu nog bestaande kasteel optrekken.

Het kasteel werd onmiddellijk voorzien van stromend water en centrale verwarming.

Dit gebeurde via de bakoven en dankzij de stijgende beweging van de warme lucht werd de warmte van de oven in de keuken ’s morgens verspreid over heel de woning via kanalen in gebakken aarde, die uitgaven in de bovenvertrekken.


Vandaag de dag is de oven vervangen door een mazoutkachel met een ventilator en hetzelfde verspreidingskanaal wordt nog steeds gebruikt.

Zoon Filips de Jauche verfraaide later ook het aanzien van het kasteelpark met verschillende lanen en de nog steeds bestaande vijverpartij.

Deze werkzaamheden betekenden een tweede aanslag op de familiale geldbeugel.

Het was het begin van het einde van de heren de Jauche, waarna het kasteel in 1732 aan de familie vander Meere werd verkocht.

Dochter Eugénie vander Meere was de laatste gravin van Kruishoutem.
Samen met haar man stond ze omstreeks 1860 in voor de bouw van het poorthuis en de heraanleg

van het park.
Hun ongehuwd gebleven dochter erfde het kasteel en hield er op het kasteeldomein een 30-tal arbeiders en dienstboden op na, wat uiteraard te veel was.


Na haar overlijden werd het kasteel en het bijhorende park verkocht aan de familie de Raveschoot.

Toen de laatste telg van de familie er in 1975 dood werd aangetroffen, werd het kasteel in 1976 gekocht door industrieel Carl Van Marcke, vooral gekend als groothandelaar van badkamers en keukens.

Hij overleed in 2010, maar zijn echtgenote Magdalena De Roeck woont er vandaag de dag nog steeds.


Het kasteel en de kasteeldomeinen werden op 10 december 1973 als monument en als landschap beschermd.(Diverse bronnen, Thomas Vandewalle, Wikipedia, de Post van 13 juli 1980 en foto 3 Carl Van Marcke en Magdalena De Roeck met de kinderen Peter en Caroline, foto 5 Magdalena De Roeck)

40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.
40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.
40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.
40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.
40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.
40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.
40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.
40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.
40 jaar geleden, te gast bij de eigenaars van het kasteel van Kruishoutem ofwel Kasteel Aaishove.

70 jaar geleden, te gast bij het bedrijf Bell Telephone Manufacturing Company in Antwerpen.

De National Bell Telephone Company werd gesticht in Schotland door Graham Bell in 1877.

In 1880 splitste de American Bell Telephone Company zich van het bedrijf af.

De International Bell Telephone Company startte in 1882 zijn eerste buitenlandse vestiging in Antwerpen onder de naam Bell Telephone Manufacturing Company.

Het nieuwe bedrijf had zijn administratieve zetel in de Dambruggestraat gedelegeerd bestuurder was Francis Welles.
Nog datzelfde jaar werden de eerste eigen gebouwen met kantoren, magazijn en atelier, opgericht aan de noordzijde van de Boudewijnsstraat naar ontwerp van J.L. Hasse.

Hij gebruikte daarbij een baksteenarchitectuur met eclectische, neorenaissance- of neotraditionele stijlelementen.


In 1887 werd aan de zuidzijde van de Boudewijnsstraat een terrein gekocht voor de verdere uitbreiding van het complex.

Hasse bleef de vaste architect van de firma en zorgde voor de uitbouw van de succesvolle fabriek aan beide zijden van de Boudewijnsstraat.


In 1896-1897 werd aan de zuidzijde van de Boudewijnsstraat, op de huidige locatie van de gebouwen, een nieuwe fabriek gebouwd met bijhorende ateliers en een smidse.

Dit is het oudste nog bewaarde deel van de fabriek, in de zuidoostelijke hoek van het bouwblok.
De uitbreidingen, wijzigingen en vernieuwingen volgden elkaar in hoog tempo op.


In 1909 werd de eerste brug over de Boudewijnsstraat geslagen tussen de verschillende bouwblokken.

Het pronkstuk van het bedrijf is de opvallende, 58 meter hoge toren uitkijkend over de Bresstraat, opgetrokken rond 1953.


Het gebouw herbergde burelen en een administratief centrum van de firma en is een belangrijke realisatie van architect Hugo Van Kuyck.

Hij realiseerde ook het in de Sint-Laureisstraat tegen de toren aangebouwde kantoorgebouw, aansluitend bij de stijl en de bouwhoogte van de bestaande gebouwen.

Begin jaren ’70 werkten er ongeveer 15.000 mensen.


In 2006 kocht de stad Antwerpen het complex en liet het renoveren als centraal administratief centrum van de stad Antwerpen.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post 25 juni 1950)

70 jaar geleden, te gast bij het bedrijf Bell Telephone Manufacturing Company in Antwerpen.

Vandaag 50 jaar geleden, plechtige ingebruikname van het hoofdkantoor Royale Belge.

Het gebouw is gelegen in de Brusselse gemeente Watermaal-Bosvoorde langs de Vorstlaan.

Het kruisvormige ontwerp is van René Stapels en Pierre Dufau, die zich o.a. inspireerden op de John Deere World Headquarters van Eero Saarinen (Moline, Illinois).

Het gebouw is 50,80 meter hoog en heeft een vloeroppervlakte van 54.000 vierkante meter.

De buitenzijde bestaat uit cortenstaal en bronskleurig gefumeerde ramen.

Dankzij de landschapsarchitecten Jean Delogne en Claude Rebold is het geheel harmonisch ingeplant tussen vijvers en groen.

De bouw begon op 4 april 1967, waarna op 25 juni 1970 de plechtige ingebruikname volgde.

Opdrachtgever was de verzekeraar Royale Belge.

Nadat die in 1999 was opgegaan in het Franse AXA, werd het complex verkocht aan Cofinimmo en teruggehuurd tot 2018.

AXA verhuisde in 2017 haar Belgische zetel naar het Troonplein (voormalig Hoofdkantoor Electrobel).

De Verenigde Staten werden de nieuwe eigenaar van de gebouwen aan de Vorstlaan, met de bedoeling er de Amerikaanse ambassade in onder te brengen.

De structuur bleek echter niet geschikt om zwaar kogelvrij glas te dragen.

Om al te ingrijpende transformaties te vermijden, plaatste de Brusselse regering het gebouw op de bewaarlijst, waarna de Amerikanen afzagen van het project.

Het gebouw is vanaf 23 mei 2019 Ingeschreven op de bewaarlijst van beschermde gebouwen in Brussel.

De toekomstige bestemming van het gebouw is onbekend en staat tot op vandaag leeg.

Laten we hopen dat dit mooi gebouw vlug een bestemming krijgt.

Want het zou niet de eerste keer zijn, dat door jarenlange leegstand en verwaarlozing een gebouw uiteindelijk toch afgebroken moet worden. (Diverse bronnen, Wikipedia en de Post van 28 juni 1970)

Vandaag 50 jaar geleden, plechtige ingebruikname van het hoofdkantoor Royale Belge.
Vandaag 50 jaar geleden, plechtige ingebruikname van het hoofdkantoor Royale Belge.
Vandaag 50 jaar geleden, plechtige ingebruikname van het hoofdkantoor Royale Belge.
Vandaag 50 jaar geleden, plechtige ingebruikname van het hoofdkantoor Royale Belge.

Vandaag 40 jaar geleden, koepel van de VRT toren opgetrokken naar boven.

De VRT-toren werd gebouwd om dienst te doen als zendmast.

Het nieuwe symbool van de Vlaamse openbare omroep kwam er na de verhuizing van de Flageygebouwen in Elsene naar de nieuwe kantoren aan de Reyerslaan in 1974.

Niet toevallig werd de communicatietoren, met allerlei zenders en ontvangers, aan de voorzijde van de nieuwe mediasite in Brussel gebouwd.

De bouw van de toren was een technisch huzarenstukje en sleepte verschillende jaren aan.

Over de centrale schacht moest immers een loodzware koepel naar boven worden opgetrokken. Dat gebeurde op maandag 19 mei 1980, met een snelheid van 1,39 meter per uur.

De schotel weegt maar liefst vier miljoen kilo. Het duurde vijf volle dagen om het gevaarte met een diameter van 34 meter op zijn plaats te krijgen, maar liefst 73 meter boven de grond.

De toren is gemaakt in gewapend beton en is in totaal 89 meter hoog. Dat komt overeen met ongeveer 23 verdiepingen of 485 trappen.

De koepel heeft een doorsnede van 34 meter. Als de architect had mogen kiezen, was de VRT-toren 300 meter hoog geweest.

Door de nabijheid van de luchthaven van Zaventem, werd dat plan van tafel geveegd.

Door de digitalisering en de goedkopere satellietverbindingen zijn de antennes op de toren grotendeels buiten gebruik.

Toch heeft de toren nog steeds een paar actieve functies.Op de toren staan vier ontvangstantennepanelen voor TNG (Terrestrial News Gathering) in de 4 windrichtingen.

Dat systeem werkt in Brussel samen met de vier ontvangst antennepanelen van op de toren van een FOD in het centrum van Brussel en zorgt voor ontvangst van de mobiele TNG wagens die gebruikt worden door de nieuwsdienst.

Daarnaast wordt de toren soms ook als een testzender voor radioreportages gebruikt. Ook de ontvangst- en zendantennes worden nog voor radioreportages ingeschakeld.

Ten slotte beschikt de toren over een draaibare parabool die via tijdelijke straalverbinding voor tv-reportages en evenementen functioneert.

Denk aan popfestivals, wielerwedstrijden, grootse evenementen als De Warmste Week, enzovoort.

De toren was oorspronkelijk eigendom van de VRT en RTBF, maar de CEO’s van beide omroepen hebben een overeenkomst ondertekend met het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.

In die overeenkomst staat dat alle gronden waarop de gebouwen van beiden omroepen staan, inclusief de iconische toren, aan het Brussels Gewest worden overgedragen.

In de praktijk duurt het wel nog enkele jaren vooraleer de gronden en toren officieel een nieuwe eigenaar krijgen.

In 2013 werd beslist dat er een nieuw VRT-gebouw zou komen aan de Reyerslaan.

Daarvoor zullen de huidige gebouwen van de VRT en de RTBF tegen de vlakte gaan.

De iconische toren zal overeind blijven, al is zijn toekomstige functie voorlopig onbekend.(Diverse bronnen, Vrt en Wikipedia)

Vandaag 40 jaar geleden, koepel van de VRT toren naar boven worden opgetrokken.
Vandaag 40 jaar geleden, koepel van de VRT toren naar boven worden opgetrokken.
Vandaag 40 jaar geleden, koepel van de VRT toren naar boven worden opgetrokken.
Vandaag 40 jaar geleden, koepel van de VRT toren naar boven worden opgetrokken.
Vandaag 40 jaar geleden, koepel van de VRT toren naar boven worden opgetrokken.

70 jaar geleden, te gast in het droomkasteel ‘Le Palais Idéal’ van de postbode Cheval.

In het plaatsje Hauterives in de Drôme staat een exotisch bouwsel dat iets weg heeft van de tempels van Angkor.

Geen hoek van Le Palais Idéal is recht en de muren zijn versierd met de vreemdste stenen, schelpen, exotische dieren en wezens.

Dit is het aandoenlijke levenswerk van Facteur Cheval, een postbode die in 1879 zijn voet stootte tegen een gek uitziende steen.

Hij voelde een roeping en besloot het paleis van zijn dromen te bouwen, speciaal voor zijn jonge dochter.

In 30 jaar (en totaal 90.000 manuren) verrees een heus paleis met verwijzingen naar bouwstijlen uit alle continenten.

Want postbode Cheval vond zijn inspiratie op de ansichtkaarten die hij bezorgde.

In zwart-foto’s van hindoe-tempels, moskeeën en Egyptische grafkamers.

Verleden jaar kwam de Franse film L’Incroyable destin du Facteur Cheval uit.

In de film zien we hoe Facteur Cheval die een hoop te verduren krijgt in zijn leven.

Zo verliest hij de ene na de andere geliefd.

Maar zijn paleis blijkt een soort reddingsboei, een reden om door te gaan, ook al begrijpt alleen zijn dochter waar hij mee bezig is.

Een mooi moment in de film is als zijn vrouw (Laetitia Casta) naar hem lacht, als hij een eerste lintje krijgt van de burgemeester.

Jarenlang vond zij zijn project net zo vreemd als de andere dorpsbewoners. Maar nu realiseert ze zich trots dat mensen van verre komen om zijn paleis te bewonderen.

Facteur Cheval is ineens geen lokale gek meer, maar de held van een eenvoudig dorpje in de Drôme.

Bijna een eeuw na zijn dood blijft dat een hele mooie reden om zijn Palais Idéal eens te bezoeken.

Le Palais Idéal en het museum over Facteur Cheval in Hauterives is dagelijks open en de inkom is €8 (volw.) en €5 (kinderen). Meer informatie: www.facteurcheval.com. (Diverse bronnen,Sabine Dekker, Wikipedia en Foto’s 1 tot en met 5 afkomstig uit het Tijdschrift Ons Volk november 1949, Foto 6 en 7 Facteur Cheval en zijn gezin )

Vandaag 15 jaar geleden, de hoogste brug ter wereld geopend door de toenmalige president Jacques Chirac.

Het viaduct van Millau bestaat uit acht overspanningen, ondersteund door zeven betonnen pijlers.

De middelste stukken overspannen 342 meter, de uiterste overspanningen 204 meter.

De brug ligt 270 meter boven de rivier de Tarn. De lengte is 2460 meter.

Er zijn zeven enorme brugpijlers gebouwd, waarvan de hoogste 343 meter de lucht in reikt, iets hoger dan de Eiffeltoren.

Dit is de hoogste brugpijler ter wereld. (in constructiehoogte, d.w.z. de hoogte van de brugpijlers).

Het brugdek is 32 meter breed, en heeft in beide rijrichtingen twee rijstroken en een vluchtstrook.

Het viaduct is een van de grootste voertuigenbruggen ter wereld, bijna tweemaal zo groot als de vroegere Europese recordhouder, de Europabrücke in Oostenrijk. (diverse bronnen en Wikipedia)