Vandaag 50 jaar geleden, Dolle Mina’s ten strijde.

Een van de eerste acties waarmee Dolle Mina naar buiten trad, was de bezetting van een verzekeringskantoor in Antwerpen.

Vrouwelijke werknemers mochten niet roken op het werk, in tegenstelling tot hun mannelijke collega’s.

Dolle Mina eiste ‘het recht op longkanker, ook voor vrouwen’.

Daarnaast klaagde ze de verschillen in lonen en promotiekansen binnen het bedrijf aan.

De actie was typerend voor de nieuwe, meer radicale, stijl die het feminisme in de jaren 1970 zou hanteren.

Op ludieke wijze trok men de aandacht van de pers, om het dan over de daadwerkelijke eisen te kunnen hebben.(Diverse bronnen, Wikipedia en De Post van 15 maart 1970)

Vandaag 50 jaar geleden, Dolle Mina’s ten strijde
De Post van 15 maart 1970
Vandaag 50 jaar geleden, Dolle Mina’s ten strijde
De Post van 15 maart 1970
Vandaag 50 jaar geleden, Dolle Mina’s ten strijde
De Post van 15 maart 1970
Vandaag 50 jaar geleden, Dolle Mina’s ten strijde
De Post van 15 maart 1970

50 jaar geleden, Julien Schoenaerts te gast bij stakingsleider Gerard Slegers en de drieëntwintigduizend mijnwerkers die in Limburg het werk neerlegde.

De mijnwerkers eisten samen met de vakbonden in 1969 een loonsopslag van vijftien procent.

Een en ander was het gevolg van een loonstudie die in opdracht van wijlen gouverneur Roppe werd uitgevoerd.

Na de nodige onderhandelingen met de directie van de Kempense Steenkolenmijnen gingen de vakbonden akkoord met een opslag van 4,5 procent.

Dit was hoegenaamd niet naar de zin van Gerard Slegers, een toenmalige werkleider in de kolenmijn van Winterslag.

Slegers kreeg de mijnwerkers achter zich geschaard en sleepte na een hardnekkige staking van vijf weken een loonopslag uit de brand die schommelde tussen de 25 en de 28 procent.

Gerard Slegers was meteen een bekende Limburger die de eerstvolgende verkiezingen postvatte op de VU-lijst voor de senaat.

Hij haalde onmiddellijk 21.000 voorkeurstemmen en werd senator. Problemen binnen de partij deden Slegers na één termijn afhaken.

Hij werd opgevist door het toenmalige CCR, de dienst waarin onder meer het reddingswezen van KS was ondergebracht.

Hier werkte hij tot hij op rustpensioen ging. (Diverse bronnen, DePost 15 februari 1970 en Wikipedia)

Julien Schoenaerts en stakingsleider Gerard Slegers

Vandaag 15 jaar geleden, overlijdt stakingsleider Gerard Slegers op 78-jarige leeftijd.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog was Gerard Slegers oorlogsvrijwilliger bij de Brigade Piron.

Omdat Slegers geen lid was van de Kommunistische Partij van België, werd hij na de oorlog niet erkend als gewapend weerstander.

Na de oorlog bleef hij nog tot in 1947 onderofficier in het Belgische leger en daarna werkte hij enkele jaren in een katoenfabriek.

Getrouwd met Rosa Suls, werd Slegers in 1951 werkleider in de koolmijnen van Winterslag.

Hij werd een bekend vakbondsleider vanaf 1969.

De mijnwerkers eisten toen een loonopslag van vijftien procent, als gevolg van een loonstudie die in opdracht van gouverneur Louis Roppe was uitgevoerd.

Na onderhandelingen met de directie van de Kempense Steenkolenmijnen gingen de vakbonden akkoord met een opslag van 4,5 procent.

Dit was niet naar de zin van Slegers, die de mijnwerkers meesleepte in een hardnekkige staking van vijf weken en uitmondde op een loonopslag die schommelde tussen de 25 en de 28 procent.

Gerard Slegers werd hierdoor beroemd in zijn streek.

Reeds in de jaren 1960 werd hij politiek actief bij de Volksunie.

In 1971 was hij kandidaat op de VU-lijst voor de wetgevende verkiezingen.

Hij werd niet verkozen, maar, gesteund door zijn 21.000 voorkeurstemmen, werd hij als provinciaal senator voor Limburg lid van de Senaat.

Hij vervulde dit mandaat tot in 1974.

In de periode december 1971-maart 1974 had hij als gevolg van het toen bestaande dubbelmandaat ook zitting in de Cultuurraad voor de Nederlandse Cultuurgemeenschap, die op 7 december 1971 werd geïnstalleerd en de verre voorloper is van het Vlaams Parlement.

Binnen de VU propageerde hij het onafhankelijke syndicalisme.

Hij was verder eerste voorzitter van het Permanent Komitee van het Kempens Bekken en van 1970 tot 1976 gemeenteraadslid van Genk.

Hij werkte tot aan zijn pensioen in de dienst waarin onder meer het reddingswezen van de Kempische Steenkoolmijnen was ondergebracht.

In 1977 verliet Slegers de VU uit protest tegen het Egmontpact.Vervolgens was hij medestichter van de Vlaams Nationale Partij, waarvan hij de ondervoorzitter werd.

Hij nam deel aan de onderhandelingen met de Vlaamse Volkspartij, waaruit in 1979 het Vlaams Blok ontstond.

Slegers werd lid van de partijraad van het VB.

Nadat hij kritiek had geuit op de koers van de partij, hij vond dat het Vlaams Blok te veel de klemtoon legde op de migrantenproblematiek en te weinig aandacht had voor de Vlaams-nationalistische eisen, werd hij in 1989 met enkele medestanders uit de partij gezet.

Vervolgens was Slegers medestichter van het Nationalistisch Verbond – Nederlandse Volksbeweging, een volksnationalistische en Groot-Nederlandse drukkingsgroep. (Diverse bronnen en Wikipedia)